Bernard Hinault zorgt voor verwarring. Is hij een das? Of is hij het niet? Twee weken geleden dacht ik nog van niet. Uit de reacties begrijp ik dat De Das wel degelijk zijn bijnaam was, verzonnen door een voormalige collega. En omdat hij die beesten met dynamiet wilde opblazen. Een soort van geuzennaam, dus.

In de afgelopen dagen kreeg ik onder andere een meel van mijn oude baas bij het NRC Handelsblad, van Guus van Holland. En hij was niet de enige, die me er op wees dat De Das een verwijzing is naar het haar van een nog jonge Hinault.

Van Holland: ‘Ook in Frankrijk werd hij De Das genoemd, le blaireau. Enerzijds omdat Bernard in zijn jaren bij de jeugd van Renault een haarband droeg waar bovenuit de haren rechtovereind stonden. Als een scheerkwast van dassenhaar, een blaireau dus.

‘Een renner uit zijn ploeg Georges Talbourdet, een Breton uit Saint Brieuc, gaf hem vervolgens de bijnaam le blaireau door de overeenkomsten die hij zag met het diertje: in één klap kon hij zijn prooi onschadelijk maken. Hinault kon slapen als een das, om dan uit te halen met een genadeklap. Dus wel degelijk in Frankrijk maakte men gewag van de overeenkomsten met het dier.’

Rutger IJzermans weet ook iets leuks. Hij meelt: ‘Op De Wielersite wordt Hinault De Das genoemd vanwege zijn felheid en vasthoudendheid, eigenschappen die de das ook heeft. De aanleiding voor deze naam werd volgens sommigen (gekscherend) gegeven door het feit dat hij bij zijn Bretonse boerderij dynamiet gebruikte om dassenburchten op te blazen, omdat de beesten anders van geen wijken wilden weten.’