Hugo Borst is het niet met me eens als ik hem van geschiedvervalsing beschuldig, zoals ik hier maandag deed. Het ging om ADO en de NSB. In het Algemeen Dagblad van zaterdag (inschrijven) reageert hij hierop. Na lezing kan ik weinig anders zeggen dat geschiedvervalsing een veel te grote uitspraak was. Gemakzucht was beter geweest.

ADO was een NSB-club, werd vorige week door Borst gezegd, omdat er belangrijke leden van deze club bij die partij zaten. Vooral ‘die spits’ was fout geweest en daarmee werd Gerrit Vreken bedoeld. Afgelopen maandag schreef ik waarom ik het daar niet mee eens ben.

Borst komt nu met de tegenbeschuldiging dat mijn artikel geschiedvervalsing is en zo staan we gelijk. Hij citeert uit een artikel van Frits Barend en Henk van Dorp in een Vrij Nederland uit 1979. Daarin zegt Vreken: “Ik ben sympathiserend lid van de NSB geworden omdat ik in die tijd iets voor ze voelde en het laf vond om er dan niet voor uit te komen. Die vele werklozen hadden mij toch tot de conclusie gebracht: er is iets niet goed in Nederland.''

Nog geen week geleden sprak ik Vreken, die zei dat hij in dezelfde omstandigheden hetzelfde besluit zou nemen. “Ik had geen keus, want als ik niet bij de NSB was gegaan, was ik afgevoerd naar Duitsland.” Zoals heel veel Nederlanders in die jaren koos hij voor de NSB uit puur eigenbelang, maar niet als overtuigd nationaal-socialist. Dat bleek ook na de bevrijding, toen Vreken zich moest verantwoorden en er relatief makkelijk afkwam. Hij had niet meegedaan aan partijactiviteiten en had niemand aangegeven.

Het meningsverschil tussen Borst en mij draaide in feite om twee mensen, die te snel te veel hebben gezegd. Borst had het niet over een NSB-club moeten hebben en ik had daarop niet moeten aankomen met geschiedvervalsing. ADO was géén NSB-club. En we hebben beide niet aan geschiedvervalsing gedaan, maar hadden even wat moeite met het vinden van een goed ander woord hiervoor. Gemakzucht was in beide gevallen beter geweest.