Het grootste veiligheidsrisico in voetbalstadions zijn de hooggeplaatste gasten, schrijft De Volkskrant maandag (24 januari). Die vinden zichzelf zo belangrijk dat ze doen en laten waar ze zin in hebben - vooral de spelersvrouwen. Een oud probleem, want acht jaar geleden klaagde een Rotterdamse politieman al over sponsorkaarten. "Niemand controleert of die worden doorverkocht aan idioten."

In De Volkskrant komt de Portugees Jitesse Arquissandas aan het woord, die vorig jaar bij het EK Voetbal de veiligheid deed. "Je stuurt de president een uitnodiging, de president neemt zijn zoon mee, en niemand die hem tegenhoudt."

En: "Spelersvrouwen voelen zich bijna even belangrijk als hun voetballende echtgenoot. Allemaal willen ze hun auto op de beste plaats parkeren. Je moet heel voorzichtig met hen zijn."

In 1997 schreef ik voor een jubileumboek van het Feijenoord Stadion een hoofdstuk over de sociale achtergronden van De Kuip. Daarvoor sprak ik ondermeer met een agent, die daar toen de orde moest handhaven. "Een groot probleem is de kaarten die aan grote sponsors worden verstrekt door de KNVB en de clubs. Per keer worden honderden kaarten uitgedeeld, die door de sponsors vaak worden doorverkocht of weggegeven aan onbekenden. Die tickets worden niet geregistreerd, zodat wij niet weten waar ze terecht komen. En ze kunnen heel goed worden opgekocht door onruststokers, die eigenlijk niet naar binnen mogen. Daardoor is de Voetbalbond wel mooi de zwakke schakel in ons risicoverhaal."

Ik noem nu bewust de naam niet van die politieman, omdat hij later terugschrok voor wat hij toen tegen me had gezegd. Maar het gaat niet om zijn naam, maar om wat hij als 'ervaringsdeskundige' toen zei. En dat er acht jaar later blijkbaar weinig is veranderd.