Theo Stevens is per 1 december benoemd tot bijzonder hoogleraar Sportgeschiedenis aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Het College van Bestuur van de VU heeft deze maand ingestemd met de aanstelling. Stevens wordt de eerste (bijzonder) hoogleraar Sportgeschiedenis van Nederland.

Het initiatief voor deze leerstoel is genomen door het NOC*NSF. Stevens is voor vier jaar aangenomen en moet in die periode zijn vak academische status geven.

Stevens (67) was tot 1997 werkzaam als historicus met Nederlands-Indië als specialiteit. Dat jaar stapte hij over naar sportgeschiedenis. “Omdat daar nog zoveel is te doen en te ontdekken”, zoals hij nu zegt. Tot aan zijn pensioen twee jaar geleden werkte hij voor de Universiteit van Amsterdam. Daar gaf hij zeven jaar geleden als eerste op deze universiteit een werkcollege over sportgeschiedenis. Vanaf komende maand wordt de VU dus zijn nieuwe werkgever. De vakgroep Sportgeschiedenis wordt verdeeld onder de faculteiten Bewegingswetenschappen en Letteren. Stevens’ eerste publieke optreden als bijzonder hoogleraar is op 26 november in Heerenveen op een Sporthistorisch Congres.

Door de benoeming kunnen studenten met belangstelling in sportgeschiedenis afstuderen in dit onderwerp. Ook wil Stevens een fundament leggen onder zijn specialisme. “Bij mijn afscheid over vier jaar wil ik een boek over Nederlandse sportgeschiedenis presenteren. Verder wil ik de komende jaren mensen opleiden, die de fakkel overnemen als mijn tijd erop zit.”

Naast zijn werk aan de VU gaat Stevens als conservator werken voor een nog op te richten Sportmuseum in Amsterdam. Met steun van adviseurs zal hij de komende jaren actief zoeken naar attributen en archieven uit het nationale sportverleden.

De persoonlijke belangstelling van Stevens gaat vooral uit naar de geschiedenis van het wielrennen. Hij werkt al een tijd aan een onderzoek naar Jaap Eden - wereldkampioen schaatsen én wielrennen aan het eind van de negentiende eeuw. Verder is hij medewerker van het digitale olympische archief van het NOC*NSF, dat op de site van de koepelorganisatie is ondergebracht.

Sport is dit jaar doorgebroken als academisch studieonderwerp. In februari werd Ruud Koning door de Rijksuniversiteit Groningen aangesteld als bijzonder hoogleraar Sporteconomie. In oktober maakte de Rijksuniversiteit Utrecht bekend dat Maarten van Bottenberg sinds 1 november is benoemd tot bijzonder hoogleraar Sportontwikkeling. Met de benoeming van Stevens zijn er dus drie bijzonder hoogleraren met sport als maatschappelijk verschijnsel als specialisatie.