Johan Cruijff maakt nog steeds kans de Grootste Nederlander te worden. Heel vreemd, want Cruijff is tijdens zijn loopbaan nooit zo populair geweest als Ard Schenk en Kees Verkerk.

De carrière van de drie genoemde sporters liep voor een groot deel parallel. Zo eind jaren zestig, begin jaren zeventig trok het drietal wereldwijde aandacht. Toen die sporters nog actief waren, was Cruijff bij lange na niet de meest geliefde sporter van dit land. In 1967 was Verkerk dat, ruim vóór voetballer Coen Moulijn. Vier jaar later, nota bene in het jaar waarin Ajax zijn eerste Europa Cup won, was Schenk de populairste. En niet zo´n beetje ook: 49% van de stemmen gingen naar de schaatser en maar negentien naar Cruijff.

De uitslag van die verkiezing van Schenk was trouwens op 10 mei 1971. Die dag viel precies tussen de plaatsing van Ajax voor de finale van de Europa Cup 1 (28 april 1971) en het uiteindelijk winnen daarvan op 2 juni. Hét moment dus waarop het complete land vooruitblikte op een eventuele Europese triomftocht van Cruijff en de zijnen, en misschien weer zo’n voetbalfeest als in Rotterdam een jaar eerder, nadat Feyenoord die Cup had gewonnen. Tóch was Schenk dat jaar veel en veel populairder dan Cruijff.

Maar van dit historische feit zien we niets terug in dat lijstje van nu. En dat is de reden waarom we deze verkiezing van de KRO vooral niet serieus kunnen nemen.