De gemeente Amsterdam wilde in 1974 een nieuw voetbalstadion bouwen in Zuid-Oost. Hypermodern, en met een verplaatsbaar grasveld. Het moest de nieuwe plek van Ajax worden.

De gemeente Amsterdam overwoog dertig jaar geleden serieus om een overdekt en multifunctioneel voetbalstadion te bouwen in het zuidoosten van de stad. Hier zouden zowel Ajax als FC Amsterdam hun thuiswedstrijden moeten spelen. Er moesten automatisch verplaatsbare tribunes komen en ook het grasveld zou per gelegenheid aan de situatie aangepast worden.

Door de enorme successen van Ajax in de eerste helft van de jaren zeventig voorzag de gemeente Amsterdam dat het toenmalige Stadion De Meer in Oost onbereikbaar dreigde te worden voor de vele toeschouwers. Daarom werd de Commissie Betaald Voetbal in het leven geroepen, die in juli 1974 het rapport ‘Betaald voetbal in Amsterdam’ produceerde. ‘Men zal zich moeten beraden over een andere locatie voor het Ajax-stadion’, verklaarde de commissie haar werk.

Vanwege de dreigende onbereikbaarheid van De Meer stelde ze een verhuizing van de club naar Zuid-Oost voor. In de Verenigde Staten hadden de commissieleden inspiratie opgedaan voor een nieuwe locatie: ‘In dit verband kan worden gewezen op het “Astrodome” in Houston, Texas. Een geheel overdekt stadion, met niet alleen voetbal, maar dat tevens geschikt is voor conferenties etc. De tribunes zijn verrijdbaar (geautomatiseerd), zodat deze steeds passen bij de afmetingen van het speelveld. De grondbedekking is synthetisch (gras), maar kan in vijftien minuten worden opgenomen en vervangen door een andere vloerbedekking.’

Een spectaculair voorstel, dat ruim twintig jaar vooruitliep op de bouw van de Amsterdam Arena in Zuid-Oost, die veel van de ‘oude’ ideeën van de commissie zou opnemen. Uiteindelijk is er niets meer vernomen van het idee uit 1974.