Fanny Blankers-Koen zorgde voor het grootste schandaal in de Nederlandse sport: de schorsing van Foekje Dillema in 1950. Zaterdag is Dillema begraven in het Friese Burum. Loglega Max Dohle was erbij.

Fanny Blankers-Koen haatte Foekje Dillema, omdat ze vanaf 1949 een serieuze bedreiging vormde voor de olympische superheldin van 1948. Door een dubieuze seksetest werd Dillema in 1950 voor altijd uit de Nederlandse atletiek verbannen.

Sindsdien haatte Dillema Blankers-Koen. Zoveel werd zaterdag duidelijk tijdens de begrafenis. Hierover schreef Max Dohle: ‘Als Fanny op tv was, smeet ze de wekker naar de beeldbuis. Haar neef vertelde me dat het een wonder was dat er nooit een beeldbuis gesprongen was.’

Verder schrijft Dohle dat de schorsing een belangrijke rol speelde in Burum: ‘Boven de kist (van Dillema) hingen de ringen van de gymzaal in paren samengebonden als stille onbedoelde verwijzing naar de Olympische Spelen die ze niet mocht meemaken.’

Zowel Foekje Dillema als Fanny Blankers-Koen zijn niet meer. Dillema heeft gewonnen, zoals een loopmaatje na de dood van Blankers-Koen tegen haar zei: “Je hebt haar weer ingehaald, Foekje.” Het was de enige keer dat er een glimlach op het gezicht van de Friezin verscheen toen ze aan die andere dacht.

Dillema ligt in het graf naast haar ouders.