‘Bijna twintig jaar geleden ging alles anders. Sterspelers werden namelijk gewoon opgeroepen en ze speelden. Altijd.’ Aldus mijmert loglega Jan van Mersbergen als hij zich buigt over de bankzitters van het Nederlands Elftal van 1988 – de Europees Kampioen. Joop Hiele, Wilbert Suvrijn, Hendri Krüzen: zitvleesexperts. Toen dus sterspelers in de basis, maar nu? Twaalf debutanten per helft en de echte top speelt de Champions Leauge-finale. Net als Frankrijk in 1998, vindt Van Mersbergen. ‘De trotse wereldkampioen was een kleurloos Frans team waarin Davide Ginola en Eric Cantona ontbraken.’ Er is nog hoop!