Politiemensen hebben tijdens de jaarwisseling met veel meer geweld te maken gehad dan uit de officiële cijfers blijkt, concludeert de centrale ondernemingsraad (cor) van de politie na een uitgebreid onderzoek.

Van de ruim 3.400 politiemensen die aan de enquête hebben meegedaan, stelden er 326 dat ze geconfronteerd werden met één of meerdere vormen van geweld, variërend van verbale dreigementen tot fysiek geweld.

Dat is veel meer dan het officiële cijfer van het korps, dat eerder meldde dat er 59 keer sprake was van geweld tegen agenten. "Wij hadden al sterk het vermoeden dat de eerder verschenen cijfers niet volledig waren", zegt cor-voorzitter Rob den Besten.

"Er hebben ongeveer 6.500 mensen gewerkt met de jaarwisseling. Van onze respondenten zijn er al 326 met geweld geconfronteerd. Het werkelijke aantal zal dus hoger liggen. Dat moet afgelopen zijn." Een deel van de agenten is meerdere malen geconfronteerd met geweld.

Veel respondenten vinden geweld bij werk horen

Veel respondenten melden het niet als ze geconfronteerd worden met geweld. Ze denken dat dit bij het werk hoort of vinden het vergrijp te licht om te melden.

"Volgens mij moeten we dat echt niet willen met elkaar", aldus Den Besten. "Ik doe dan ook een dringend beroep op de verantwoordelijke ministers, de korpschef en de politiek, maar zeker ook op de collega's. Een feest zoals de jaarwisseling met deze consequenties kun je geen feest noemen."

"Juist vandaag en overmorgen spreek ik met hulpverleners en bestuurders om te horen hoe zij Oud en Nieuw ervaren", zegt minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid in een reactie.

De minister vindt het "belangrijk dat zij aangifte doen", wat volgens de uitkomst van de enquête nog niet altijd gebeurt. "Samen gaan we op zoek naar aanvullende maatregelen", stelt Grapperhaus.

Raad pleit voor 'fundamentele herbezinning'

Volgens de cor is een "fundamentele herbezinning" op de jaarwisseling nodig, om de traditie "veilig en feestelijk" in stand te kunnen houden.

De cor pleit daarom voor een structurele oplossing waarbij agenten en andere hulpverleners snel en makkelijk geweldsincidenten kunnen melden. De cor hoopt dat nog voor de volgende jaarwisseling te realiseren. Daarnaast moeten er veiligheidsmiddelen komen, zoals veiligheidsbrillen en gehoorbeschermers.

Onderzoeksraad en artsen willen vuurwerkverbod

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) publiceerde in december een uitgebreide rapportage waarin werd gepleit voor het verbieden van vuurpijlen en knalvuurwerk. Volgens de raad is de tijd gekomen om "het voortdurende patroon van veel letsel en ordeverstoringen" te doorbreken.

De raad signaleert dat ieder jaar veel mensen gewond raken door vuurpijlen. Die worden uit de hand afgeschoten, op omstanders gericht of vanuit wankele flessen afgestoken. Over knalvuurwerk stelt de OVV dat het grote overlast veroorzaakt en "uitnodigt tot roekeloos gedrag".

De OVV pleit niet voor een totaalverbod op consumentenvuurwerk. Een groot deel van het siervuurwerk, zoals fonteinen en ander vuurwerk dat weinig kwaad kan, mag wat de onderzoekers betreft gewoon beschikbaar blijven.

Kabinet wil geen vuurwerkverbod doorvoeren

Onder meer de politie en alle grote artsenverenigingen steunen het pleidooi van de OVV. De korpsleiding van de Nationale Politie stelt de agenten niet meer te kunnen beschermen tegen het steeds explosiever wordende vuurwerk.

Door het afsteken van vuurwerk komt gemiddeld één persoon per jaar om het leven. Ook vallen er honderden gewonden. De schade loopt jaarlijks zeker in de tientallen miljoenen euro's.

Regeringspartij VVD erkent dat de risico's tijdens de jaarwisseling groot zijn, maar is tegen een verbod. CDA en D66 lieten eerder weten zich zorgen te maken over de gewonden en het vandalisme, maar vinden dat een verbod vooralsnog te ver gaat.

Veel oppositiepartijen, zoals GroenLinks, zijn het wel met het advies van de OVV eens en staan positief tegenover de aanbeveling.