Wanneer Nederland aftelt om elkaar het beste te wensen voor het nieuwe jaar en vuurwerk af te steken, staan duizenden hulpverleners klaar om in te grijpen als het misgaat. Hoe beleven zij Oud en Nieuw?

Als het jaar 2018 nog maar net begonnen is, rijdt Damien Kok met zijn collega een straat in Leiden in. De twee agenten treffen een groot vreugdevuur aan. Om de vlammen heen staan mensen te dansen en ze gooien vuurwerk in het vreugdevuur.

"De vlammen waren zo hoog dat ze boven de rijtjeshuizen uitkwamen", herinnert Kok. "Iedereen had alcohol op en stond elkaar op te jutten het vuur nog hoger te maken. Die mensen hadden niet in de gaten dat er een enorm risico dreigde. Als de vlammen tegen de huizen waren geslagen was er een grote brand ontstaan."

Kok en zijn collega grijpen in, waarop de feestvierders de confrontatie met de agenten aangaan en hen uitschelden. "Dat uitschelden is niet normaal, maar tijdens Oud en Nieuw laat je het een beetje gaan. Als je daarop ingrijpt, is aan het einde van de nacht de halve stad leeg", zegt Kok.

“Het is echt alsof je door een zwaar slagveld rijdt”
Politieman Damien Kok

Als de twee agenten verder rijden schijnt een fel licht in hun ogen. Het schijnsel is een krachtige blauwe laserlamp. "Het deed echt even zeer aan de ogen en we konden niks zien", aldus Kok.

Nadat de politie ook daar heeft ingegrepen rijden de twee agenten verder door de stad. Het is dan nog altijd maar 1.00 uur. "Het is echt alsof je over een zwaar slagveld rijdt. Als je vanachter het raam naar het vuurwerk kijkt, lijkt het wel mee te vallen, maar als je ertussen rijdt is het echt beangstigend", vertelt Kok.

Dat die angst terecht is, blijkt wel als er zwaar illegaal vuurwerk naar de politieauto wordt gegooid. Het projectiel belandt op de motorkap en ontploft, waardoor de voorruit barst.

De politie in Alphen aan de Rijn tijdens een oefening voor de jaarwisseling. (Foto: ANP)

Ergste deel moet nog komen

Wat Kok dan nog niet weet, is dat het voor hem ergste deel van de nacht nog moet komen. Als de politiewagen rond 4.00 uur een Leidse straat in rijdt, is daar een vechtpartij aan de gang. Kok en zijn collega bedenken zich geen moment en besluiten in te grijpen.

Maar zodra Kok uitstapt, komt er iemand op hem afgestormd, die hem vervolgens tegen zijn been trapt. Over het incident zelf kan Kok niet veel zeggen, aangezien het hoger beroep nog loopt en hij getuigen kan beïnvloeden door zijn verhaal uitgebreid te vertellen.

De politieagent valt op de grond en voelt direct dat het mis is. "Mijn scheen- en kuitbeen waren gebroken, waardoor mijn been in een haakse hoek stond. Ik zag mijn voet tegen mijn knie aan liggen. In alle chaos kwam mijn maatje snel naar me toe en beschermde me. Daarna waren collega's en de ambulance er snel."

Kok wordt naar het ziekenhuis gebracht en gaat in de maanden daarna een lang revalidatietraject in. Uiteindelijk blijkt dat zijn herstel niet goed verloopt. Het betekent dat hij niet meer als agent de straat op kan, maar zijn carrière bij de politie op kantoor moet vervolgen.

Het verhaal van Kok staat niet op zichzelf. Uit cijfers van de politie bleek dat zich tijdens de jaarwisseling van 2016-2017 in totaal 111 gevallen van fysiek of verbaal geweld tegen de politie voor hebben gedaan. Het jaar erop daalde dat aantal, maar bleven nog altijd 88 geweldsincidenten tegen agenten over.

Brandweer heeft voordeel van nieuwe aanpak

Ook voor de brandweer is de jaarwisseling een werkdag die niet te vergelijken is met de andere 364 dagen van het jaar. Richard Mensink is een van de ploegchefs van het Groningse brandweerkorps en vertelt dat op die dag niemand verlof heeft, want de volledige capaciteit is nodig.

Naast zijn werk als ploegchef, maakt Mensink ook deel uit van het Multidisciplinaire Surveillance Team. "Dan rijden we op oudjaarsavond rond in een onopvallende politieauto en doen we een soort voorbeschouwing bij de meeste meldingen", vertelt hij. "Als er een melding binnenkomt van een brandje, dan gaan wij ter plaatste en maken we een inschatting of het echt nodig is om de brandweer te laten komen. Dat doen we sinds vier jaar en het is voor ons een groot succes. Het heeft het aantal keer dat de brandweer moet uitrukken gehalveerd."

De brandweerlieden in Groningen werken in 24-uursdiensten vanaf 8.00 uur op oudjaarsdag. Zij beleven die dag meerdere pieken qua drukte, maar vanaf 19.00 uur begint "het te lopen", zoals Mensink het noemt.

"Dat duurt dan tot 23.00 uur, wanneer de meeste mensen zich voorbereiden op het aftelmoment. Als de omstandigheden het toelaten, verzamelen wij ons als hulpdiensten een kwartiertje voor het nieuwe jaar op de Grote Markt", zegt de brandweerman.

"Daar is dan het aftelmoment en wensen we elkaar een gelukkig nieuwjaar. Na middernacht komen langzaam de eerste meldingen binnen. Eerst van vuurpijlen die ergens terecht zijn gekomen en rond 00.30 uur beginnen de brandjes te ontstaan. Je houdt de hele nacht meldingen, maar rond 3.00 uur neemt het weer af."

'We proberen er een mooie dag van te maken'

Ondanks de drukte beschouwt Mensink de jaarwisseling toch als een positieve dag met zijn collega's. "Het is de enige dag van het jaar dat we met de hele ploeg zijn. Het is onderdeel van ons werk. We proberen er als korps een goede dag van te maken. Op de kazerne eten we oliebollen en hebben we tussen de middag een warme maaltijd. Maar zoals altijd bij ons werk, weet je nooit wat de dag brengt."

De brandweerchef zit sinds 2009 bij het brandweerkorps van Groningen. Als hij de jaarwisselingen van tegenwoordig moet vergelijken met die van zijn beginperiode, ziet hij dat het rustiger is geworden. "Dat is voor een deel toe te schrijven aan de hulpdiensten, maar het lijkt ook alsof de jeugd geen zin meer heeft om vuurtjes te stoken. Daarnaast wordt er al maanden preventief werk gedaan door bijvoorbeeld wijkagenten."

De Rotterdamse brandweer in actie tijdens nieuwjaarsnacht 2018. (Foto: Hollandse Hoogte)

Bijna zevenduizend agenten actief

Volgens Ruud Verkuijlen, programmamanager Geweld tegen Politie Ambtenaren (GTPA), spelen alcohol en de mogelijkheid om gevaarlijk vuurwerk af te steken een grote rol in het geweld tegen hulpverleners. Om incidenten zoveel mogelijk te voorkomen, worden over het hele land tussen de 6.500 en 7.000 agenten ingezet.

Verkuijlen strijdt ook tegen de verkoop van gevaarlijk vuurwerk. Volgens hem levert dat vuurwerk een belangrijke bijdrage aan de gemiddeld vijfhonderd gewonden en een dode die er elke jaarwisseling vallen. "Ik ben niet tegen vuurwerk, maar wel tegen gevaarlijk vuurwerk. We willen ervoor zorgen dat we al het onveilige vuurwerk in beslag kunnen nemen voordat het wordt afgestoken."

Half december was er al meer illegaal vuurwerk in beslag genomen dan in heel 2017. Cijfers die Verkuijlen verheugd ontving. "Dat vuurwerk is er tijdens de jaarwisseling al niet meer bij. Het afsteken van vuurwerk brengt een bepaalde verantwoordelijkheid met zich mee en dat betekent dus ook dat je er rottigheid mee kan uithalen."

Brandweerman Mensink ziet tot zijn tevredenheid dat de agressie tegen hulpverleners van de brandweer een paar jaar geleden erger was. "Wij hebben die situaties ook gehad. Dat is echt iets van de jaarwisseling. Sommige mensen denken dat ze op die dag groen licht hebben om alles te doen wat de rest van het jaar niet kan. Dit is de laatste jaren gelukkig wel minder geworden."