Jelle van Gorkom (27) begon 2018 als een van de beste BMX'ers ter wereld, maar na een zwaar trainingsongeluk vreesden zijn artsen dat hij nooit meer zou kunnen praten of lopen. Een gesprek over een verschrikkelijk zwaar jaar, maar ook een wonderbaarlijk herstel.

Sinds drie maanden kan Jelle van Gorkom het bezoek bij hem thuis weer zelf van een bak koffie voorzien. "Koffiezetten was niet het probleem. Het is alleen een knopje indrukken", zegt hij met een glimlach. "Maar dat ik nu met dit kopje in mijn hand naar de tafel kan lopen, is wel een stap die ik gezet heb in mijn herstel. Toen ik afgelopen zomer, een paar maanden na mijn ongeluk, weer thuis ging wonen, kon ik zoiets nog niet."

Inmiddels draait hij thuis, waar hij samen met zijn vriendin Doete woont, weer gewoon mee. Hij kan de vaatwasser uitruimen, al gaat het langzamer dan voorheen. Net als fietsen. In de woonkamer in zijn huis in het Gelderse Duiven staat een hometrainer en in zijn voortuin een oranje stadsfiets, die hij kreeg van sportkoepel NOC*NSF in de tijd dat hij nog tot de beste BMX'ers van de wereld behoorde.

"Op 25 juni lukte het me voor het eerst weer om op die fiets te rijden", vertelt Van Gorkom, terwijl hij door zijn telefoon scrolt op zoek naar het filmpje dat hij nog van van die eerste rit heeft. "En op 13 april reed ik al voor het eerst op een driewieler. Ik kon zelfs eerder weer fietsen dan lopen, al is dat voor een BMX'er niet zo raar."

Bio Jelle van Gorkom

  • Geboren: 5 januari 1991 in Doetinchem
  • NK BMX: Goud in 2011 en 2015
  • WK BMX: Zilver in 2011 (tijdrit) en 2015 (supercross)
  • Olympische Spelen: kwartfinale in 2012, zilver in 2016

'Ik zou graag precies zien hoe ik gevallen ben'

Het filmpje van het fietsritje is niet de enige video van zijn herstel op zijn telefoon. Bijna alles legt Van Gorkom vast of laat hij vastleggen, om daarna te kunnen analyseren wat de volgende keer beter kan. Hij toont beelden van de eerste keer dat hij omhoog komt uit zijn rolstoel en ondersteund door een rek en een fysiotherapeut zijn eerste stapjes zet. En beelden van zijn eerste stapjes buiten, met een kruk. Ze zijn gemaakt door zijn moeder.

Het liefst had hij ook een video van zijn ongeluk gehad, vertelt Van Gorkom. "Ik zou het niet erg vinden om die beelden te zien, omdat ik me er toch niets meer van kan herinneren. Het is daardoor geen traumatische ervaring voor me. Ik zou graag precies willen zien hoe ik gevallen ben."

Hij heeft wel een goed idee wat er aan de val voorafging, al weet Van Gorkom dat alleen door de verhalen van anderen. De geboren Achterhoeker gaat op dinsdagmiddag 9 januari 2018, rond 14.50 uur, samen met Niek Kimmann trainen op de start. Ik ga alvast, zegt hij tegen zijn ploeggenoot, die op de startknop drukt.

Honderden, duizenden keren was Van Gorkom al vanaf de steile startheuvel van de BMX-baan op Papendal gegaan. Ook nu tikt hij binnen een paar seconden de 60 kilometer per uur aan, maar dit keer wordt hem dat bijna fataal.

“Ik zei: ik ga als eerste naar beneden. Dus ik ben zelf schuldig”
Jelle van Gorkom

De ketting onder aan de startheuvel om onbevoegden weg te houden, die elke dag routinematig wordt verwijderd door een lid van de BMX-ploeg, hangt er deze keer nog. Van Gorkom knalt met het stuur van zijn carbonfietsje tegen de ketting, die breekt onder de kracht van de botsing. De fiets wordt onder het lichaam Van Gorkom weggeslagen, waarna hij voorover valt en hard op de rechterkant van zijn hoofd terechtkomt.

Met gebroken ribben, een breuk in het gezicht, een scheurtje in de schedel en beschadigingen aan de lever, milt en nieren ligt Van Gorkom op de baan, waarna hij met spoed naar het ziekenhuis wordt gebracht. Twee weken ligt hij in coma, maar zijn eerste herinneringen zijn van pas een week of vier later.

Toen pas kon Van Gorkom weer een beetje communiceren en wilde hij antwoorden. "Ik stelde steeds de vraag: waarom lig ik hier? Dit is niet goed, waarom, waarom? Mijn vader heeft toen op een middag verteld wat er gebeurd was, en 's avonds bondscoach Bas de Bever nog een keer."

En dan hoor je van de ketting die er niet had mogen hangen... Wat was je eerste gedachte?

"Dat het dom is dat we die ketting zijn vergeten."

Je zegt: "We". Je gaf niet iemand de schuld?

"Het is dom, ook van mezelf. Als je naar beneden gaat, kijk je altijd van tevoren of die ketting er nog hangt, het was bijna een automatisme. Maar die dag dus niet. Ik denk dat we er allemaal van uitgingen dat een ander het gedaan had."

Het is heel menselijk om na zo'n ongeval de schuldvraag te stellen.

"Het is lullig dat het gebeurd is. Maar het terugdraaien kan niet meer. Natuurlijk is het zware kutzooi, maar het is niet anders."

Denk je weleens: waarom ben ik als eerste naar beneden gegaan? Dat had ook iemand anders kunnen zijn.

"Ik zei zelf: ik ga als eerste. Dus ik ben zelf schuldig."

Voor hetzelfde geld was Kimmann als eerste naar beneden gegaan.

"Soms is het voor Niek nog erger dan voor mij. We kunnen er allebei over praten, maar Niek heeft ook constant dat beeld in zijn hoofd zitten. Ja, hij voelt zich schuldig, maar we zijn goede vrienden. En door het ongeluk is onze band nog hechter geworden."

Heb je met Kimmann veel over het ongeluk gepraat?

"Eigenlijk hebben we het er maar één keer echt over gehad. Voor mij was dat niet moeilijk. Ja, voor hem misschien wel, omdat het toen nog lastig was om mij te verstaan."

'Ik kon helemaal niks meer met links'

Inmiddels gaat het praten Van Gorkom beter af. Begin november schoof hij al aan bij het Ziggo-programma Peptalk om te vertellen over zijn ongeluk, al waren zijn vriendin Doete en Kimmann toen ook aanwezig, waardoor Van Gorkom niet alles zelf hoefde te vertellen. Nu doet hij alleen zijn verhaal.

"Het is niet zozeer het praten op zich, maar het verwerken van informatie dat meer moeite kost", vertelt hij. "Daardoor praat ik niet zo makkelijk als voor mijn ongeluk. Maar het doet me goed om nu van jullie te horen dat ik alweer beter praat dan toen bij Peptalk. Ik zal het doorgeven aan mijn logopedist, haha."

Verder zijn de sporen van zijn ongeluk vooral zichtbaar aan de linkerkant van zijn lichaam. "Mijn linkerbeen en -arm blijven achter, daar zit een spasme. Ik moet nu bijna alles met rechts doen. Gelukkig was ik altijd al rechtshandig (lacht)."

“Het was helemaal niet moeilijk om terug te keren op de baan van het ongeluk”
Jelle van Gorkom

Toch kan hij met links inmiddels ook steeds meer, zo laat hij zien. Het duurt even, maar dan heeft hij met zijn linkerhand het glas voor hem op tafel vast, brengt hij het naar zijn mond en neemt hij een slok. "Het lijkt iets kleins, maar ik heb er heel hard voor moeten werken om dit weer te kunnen", vertelt hij bijna trots. "Ik kon helemaal niks meer met links."

Hij heeft de dokters verbaasd met zijn herstel. Sterker: het is een klein wonder dat hij weer in zijn eigen huis aan tafel zit. "De eerste vooruitzichten waren dat ik een kasplantje zou worden, dat werd ook gezegd tegen mijn vriendin en mijn ouders. En het eerste dat ik hoorde, was dat ik nooit meer thuis kon wonen en altijd hulp nodig zou hebben. Ik kon toen nog niet praten, maar dacht wel: dat gaat niet gebeuren, stik er maar in."

Waar kwam die overtuiging vandaan?

"Als topsporter zit dat denk ik in mij, anders kan ik het niet verklaren. Ik wilde altijd al alles uit mezelf halen, het onmogelijke presteren. Al is dit wel een veel langer proces."

Dus je verleden als topsporter helpt je nu bij je revalidatie?

"Ik denk het wel, al zijn er ook valkuilen. Vooral in de eerste maanden moest ik worden afgeremd. Dan had ik amper iets gedaan, maar was ik bekaf. Hoe kan dit in godsnaam?, dacht ik dan. Het stelde allemaal weinig voor in vergelijking met de zware trainingen die ik als BMX'er afwerkte, en dus wilde ik meer."

En dan ging het fout?

"Ja. Een keer was er 's avonds bezoek en wilde ik laten zien hoe ik liep, maar dat ging niet. Ik stond op en viel bijna om. Het was te veel voor me, ik moest leren op tijd mijn rust te pakken."

Kon je wel al snel weer naar BMX kijken? Of was dat te moeilijk voor je?

"In mei was ik toeschouwer bij de wereldbeker op Papendal, en een week daarvoor was er een zaaltje afgehuurd voor het team zodat ik iedereen weer kon zien en zij mij. Dat was emotioneel."

Hoe was het om terug te keren bij de baan van het ongeluk?

"Helemaal niet moeilijk. Mensen vroegen wel of ik het zwaar had, maar zo voelde ik het niet, omdat ik me niets van het ongeluk kan herinneren. Het voelde vooral als thuiskomen op de plek waar ik jarenlang getraind heb. Niet op de plek van het ongeluk."

'Besef dat mijn actieve loopbaan voorbij is kwam snel'

Op het moment dat hij in mei naast de baan zat, had Van Gorkom nog niet officieel gemeld dat zijn loopbaan voorbij was. Pas eind oktober vertelde hij aan de NOS wat hij zelf al veel langer wist: zijn carrière, met twee keer WK-zilver en de tweede plaats op de Olympische Spelen van 2016 in Rio de Janeiro als hoogtepunten, was voorbij.

"Het besef dat ik geen actieve sporter meer ben, kwam al vrij snel na het ongeluk. Ik was in korte tijd ruim 15 kilo aan spiermassa verloren en als je een klein rekensommetje maakt van de tijd die je moet investeren om dat terug te krijgen, dan weet je: dit gaat nooit meer lukken."

Desondanks voelde Van Gorkom, die in 2012 al eens drie dagen in coma lag na een ongeluk bij een wedstrijd in de VS, zich de afgelopen maanden nog steeds een onderdeel van het hechte BMX-team, al bijna tien jaar zijn tweede familie. En hij voelt zich nog steeds zeer verbonden met de Nederlandse topsportwereld.

"Heel veel sporters van buiten het BMX hebben contact met me gezocht, en doen dat nog steeds. Ik had het ook gesnapt als ze hadden gezegd: laat die gast maar stikken, met zijn gezeur. Maar gelukkig doen ze dat niet. Natuurlijk zijn sommige mensen extra benauwd geworden om mij te benaderen. Dat is logisch, maar het hoeft helemaal niet. Ik ben gewoon te benaderen, zoals normaal."

Bedacht je je direct dat je overal heel open over wilde zijn?

"Ik merkte dat heel veel mensen hersenletsel hebben, maar dat er nog heel weinig over bekend is. Door mijn verhaal te vertellen, kan ik het onderwerp een beetje voor het voetlicht brengen."

"Ik word nu al af en toe via Facebook benaderd door mensen die iets vergelijkbaars hebben meegemaakt. Hun vragen beantwoord ik altijd. Ik probeer te vertellen waar ik tegenaan loop en zij vertellen waar zij tegenaan lopen. Dat helpt mij ook."

Heb je een plan om daar in de toekomst meer mee te doen?

"Ik heb al een stichting. Die is op dit moment voor mij bedoeld, maar in een later stadium hoop ik daarmee ook andere mensen te kunnen helpen."

Hoop je de komende jaren ook betrokken te blijven bij het BMX?

"Zeker, daar heb ik heel veel ideeën over. Ik ben al benoemd tot ambassadeur van het WK van 2021 op Papendal. En het liefst zou ik coach worden van BMX'ers die net onder de top zitten. De mensen die keihard hebben moeten werken, maar het niet altijd gered hebben."

Waarom juist die groep?

"Mijn ervaring is dat die sporters er meer voor overhebben, er veel meer voor doen. Ze willen meer trainen, dieper gaan. Dat vind ik mooi."

'Er zit nog veel rek in'

Vanaf half januari zal Van Gorkom zes weken lang drie dagen per week keihard werken in het Daan Theeuwes Centrum voor Intensieve Neurorevalidatie, dat zich richt op het herstel van jongeren tussen de zestien en dertig jaar. "Als ik aantoon dat ik na zes weken nog meer progressie kan boeken, gaan ze me nog een keer zes weken behandelen."

Dat klinkt bijna als topsport, dat je weer een doel moet halen.

"Ja, dat is het eigenlijk ook."

Wat zijn je eigen doelen?

"Ik wil dat mijn linkerhand weer normaal functioneert. Ik moet beter kunnen lopen. En beter praten."

Kan je eeuwig stappen blijven zetten, of is er op een gegeven moment een eindpunt?

"Ik heb deze week iemand gesproken die tien jaar geleden hersenletsel heeft opgelopen en hij neemt nu nog steeds kleine stapjes. Het kan dus heel lang doorgaan. Ik heb één voordeel: ik ben nog jong. Mijn brein is nog heel plastisch, er zit nog veel rek in."

Is het een zwaar vooruitzicht dat de komende tien jaar van je leven in het teken van revalidatie zullen staan?

"Nee. Ik vind het mooi dat ik nog stappen kan zetten. Want voor hetzelfde geld lag ik nu nog steeds in een ziekenhuisbed."