DEN HAAG - Personen die opzettelijk een computersysteem binnendringen, riskeren voortaan een jaar gevangenisstraf. Als ze daarbij informatie stelen, komt maximaal vier jaar celstraf in het vizier. Ook andere misdrijven met computers, zoals de verspreiding van virussen of ernstige vormen van hinder zoals spam, worden bestraft met een jaar cel.

Deze voorstellen van minister Piet Hein Donner van Justitie zijn dinsdag goedgekeurd door de Eerste Kamer. Het ging om de goedkeuringswet van het zogeheten Cybercrime Verdrag uit 2001 en om de aanpassing van de Nederlandse wetgeving aan dat internationale verdrag.

Tot nu toe is de indringing in een computer van een ander pas strafbaar als daarbij de beveiliging van een computer wordt gekraakt, een technische ingreep wordt gedaan of een valse identiteit wordt gebruikt om toegang te krijgen. In de nieuwe regelgeving zijn die vereisten niet meer nodig.

Voorbereiding

Ook de voorbereiding van computercriminaliteit wordt harder gestraft, tot maximaal vier jaar cel. Daarbij gaat het om de verkoop, het maken of in bezit hebben van technische hulpmiddelen waarmee een computermisdrijf kan worden gepleegd. Hulpmiddelen zijn zowel floppy's en cd's ofwel een programma dat een computersysteem kan ontregelen. Aangetoond moet worden dat iemand het oogmerk had om een misdrijf te plegen.

Bevoegdheden

Verder krijgen politie en justitie meer bevoegdheden om cybercrime aan te pakken. Zo kunnen verdachten van dergelijke delicten in voorlopige hechtenis worden genomen en kunnen dwangmiddelen worden ingezet, zoals inbeslagname of aftappen. De officier van justitie kan straks in het kader van de opsporing een internetprovider opdragen bepaalde gegevens tijdelijk beschikbaar te houden totdat daarover een definitief besluit is genomen.

Het is nog niet duidelijk wanneer de nieuwe wetgeving ingaat, maar volgens een woordvoerder van Justitie is dat zo snel mogelijk.