De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft nog geen verzoek ontvangen voor een landelijk volg-me-nietregister voor wifi. Dat schrijft minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker in een brief aan de Tweede Kamer (pdf).

Dekker schrijft dat de branchevereniging voor Marketing-insights, Onderzoek & Analytics (MOA) nog geen formeel verzoek heeft ingediend tot goedkeuring van zo'n register. MOA zei eerder nog het verzoek halverwege maart ter goedkeuring aan de AP te willen overhandigen.

De branchevereniging was van plan om voor de zomer samen met wifitrackingsbureaus een register uit te brengen. Mensen kunnen zich daarop inschrijven om ervoor te zorgen dat ze niet meer gevolgd zouden worden.

De bureaus gebruiken wifitracking om passanten te tellen, bijvoorbeeld in winkelstraten. De informatie die dat oplevert, kan bruikbaar zijn voor gemeentes, overheden en bedrijven.

Volgen mag alleen onder voorwaarden

Dekker zegt niet te weten in welke gemeenten wifitracking wordt ingezet. "De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft mij laten weten dat wanneer wifitracking op initiatief van private partijen en buiten de openbare ruimte, bijvoorbeeld in winkelcentra of binnen bedrijven, wordt toegepast, de exploitant ervoor verantwoordelijk is dat dit in overeenstemming met de privacyregels gebeurt."

De minister zegt zich aan te sluiten bij de AP wat betreft het standpunt over wifitracking als een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van mensen. De AP stelde eerder dat het digitaal volgen van mensen op openbare plekken een inbreuk is, die alleen onder strikte voorwaarden is toegestaan. Zo moeten burgers altijd toestemming geven.

Het is niet bekend wat de huidige status van het volg-me-nietregister is. NU.nl heeft de MOA om een reactie gevraagd, maar de vereniging was niet direct beschikbaar voor commentaar.