Ministers Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken en Ank Bijleveld van Defensie hebben in 2018 gezamenlijk meer dan één keer onterecht hun akkoord gegeven voor het gebruik van de zogenoemde 'sleepnetmethode' door de AIVD en MIVD om internetverkeer af te tappen. Dat meldt de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB) donderdag in zijn eerste jaarverslag.

De nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv), die op 1 mei in werking is getreden, geeft de AIVD de bevoegdheid om op de kabel op grote schaal internetverkeer te tappen, de zogenoemde onderzoeksopdrachtgerichte interceptie (OOG-interceptie).

Critici noemen deze vorm van aftappen een 'sleepnet', waarmee zij verwijzen naar het feit dat de inzet van deze bevoegdheid altijd gepaard gaat met het verzamelen van persoonlijke gegevens van mensen die niet onder de aandacht van de geheime dienst liggen.

Voordat een Nederlandse inlichtingendienst de OOG-interceptie mag uitvoeren, moet de minister akkoord geven. Daarna toetst de toezichthouder TIB onder meer hoe zwaar het belang van de internettap weegt ten opzichte van de inbreuk op privacy (proportionaliteit) en of er geen lichter middel ingezet kan worden om hetzelfde doel te bereiken (subsidiariteit).

Uit het jaarverslag van de TIB blijkt dat ministers Ollongren en Bijleveld eind 2018 meerdere verzoeken van de AIVD en MIVD hebben goedgekeurd om de OOG-interceptie op de kabel toe te passen. De TIB concludeerde vervolgens echter onder meer dat er onvoldoende afwegingen zijn gemaakt om het voorschrift om "zo gericht mogelijk" te tappen te balanceren.

In 2019 zijn opnieuw verzoeken ingediend om OOG-interceptie toe te passen, die vervolgens door de TIB gedeeltelijk zijn goedgekeurd. Deze verzoeken waren volgens de toetsingscommissie beperkter qua reikwijdte.

Het is niet bekend hoeveel verzoeken tot OOG-interceptie en andere bijzondere bevoegdheden de AIVD en MIVD exact hebben ingediend. De TIB schrijft in zijn jaarverslag dat deze cijfers door ministers Ollongren en Bijleveld worden beschouwd als staatsgeheim.

Hoewel verzoeken daartoe zijn ingediend, hebben de geheime diensten tot nu toe in de praktijk nog geen gebruikgemaakt van de bevoegdheid om op de kabel internetverkeer af te tappen, zegt een woordvoerder namens de AIVD tegen NU.nl.

TIB wijst een op de twintig verzoeken af

Naast de inzet van de OOG-interceptie, toetst de TIB vooraf ook de verzoeken van de AIVD en MIVD om andere bijzondere bevoegdheden in te mogen zetten. Het gaat bijvoorbeeld om het hacken van een computer of het inzetten van een geheim agent.

De eerste elf maanden dat de Wiv van kracht is, heeft de toezichthouder in totaal 2.159 verzoeken voor de inzet van bijzondere bevoegdheden beoordeeld. Van de AIVD werd 4,5 procent van de verzoeken afgekeurd. Bij de MIVD werd 5,8 procent van de verzoeken als onrechtmatig beoordeeld. Volgens de TIB schortte het in de afgekeurde verzoeken vooral aan de proportionaliteit, subsidiariteit, een combinatie daarvan, of de motivering voor de inzet van de bevoegdheid.

In november bracht de toezichthouder al naar buiten dat tot dat moment een op de twintig verzoeken werd afgewezen. Destijds werd 5,5 procent van de verzoeken van de AIVD afgekeurd. Bij de MIVD ging het toen om relatief iets minder verzoeken: 4,1 procent.

De stijging in cijfers van de MIVD geven volgens de TIB een licht vertekend beeld, omdat voor één afgewezen bevoegdheid meerdere verzoeken zijn ingediend. Het percentage van 5,5 procent zou lager zijn geweest als in deze situatie één verzoek zou zijn ingediend.

Omdat de MIVD minder verzoeken indient dan de AIVD, zorgen individuele gevallen sneller voor wijzigingen in de percentages. Door het staatsgeheime karakter van de individuele cijfers van de dienst kon de TIB in zijn jaarverslag daar echter niet gedetailleerder op ingaan.

AIVD over de schreef met spoedprocedure

Hoewel de TIB de inzet van een bijzondere bevoegdheid vooraf toetst, kunnen de AIVD en de MIVD met een wettelijk geregelde spoedprocedure bevoegdheid inzetten die in dat geval achteraf wordt beoordeeld.

Van alle verzoeken die de AIVD heeft ingediend, betrof 3,3 procent een spoedverzoek. Daarvan heeft de TIB van 11,6 procent achteraf beoordeeld dat een spoedprocedure niet nodig was geweest en daarmee onrechtmatig was.

De TIB heeft één keer geoordeeld dat de onrechtmatig verkregen informatie van de spoedprocedure vernietigd moest worden. Een woordvoerder namens de AIVD bevestigt tegenover NU.nl dat dit na verzoek ook daadwerkelijk is gebeurd.

De inzet van bijzondere bevoegdheden van de MIVD is bij de spoedprocedure geen enkele keer fout gegaan, aldus de TIB.

Aangepaste Wiv ligt bij ministerie

De vernieuwde Wiv was in maart 2018 onderwerp van een referendum, waarbij een meerderheid van 49,4 procent tegen de inlichtingenwet stemde. Minister Ollongren beloofde de wet vervolgens aan te passen, onder meer door in de wettekst te benadrukken dat de diensten hun bevoegdheden zo gericht mogelijk moeten inzetten.

Na advies heeft de Raad van State de aangepaste tekst eind februari teruggestuurd naar het ministerie van Binnenlandse Zaken. Het is onbekend wanneer minister Ollongren het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer stuurt.