Aleksandr Kogan, de onderzoeker die via Facebook de data verzamelde die uiteindelijk werden gebruikt door het Britse databedrijf Cambridge Analytica, klaagt het sociale medium aan voor smaad, meldt The New York Times.

De onderzoeker heeft de Facebook-app gemaakt waarmee uiteindelijk gegevens van maximaal 87 miljoen Facebook-gebruikers werden verzameld. Een deel van die data werd door Cambridge Analytica gebruikt voor politieke advertenties.

Facebook-gebruikers konden tegen een vergoeding deelnemen aan de door Kogan ontwikkelde quiz. Daarmee gaven zij niet alleen toestemming om hun eigen gegevens, maar ook die van hun vrienden te delen. Facebook bood appontwikkelaars tot april 2015 de mogelijkheid om op deze schaal data te verzamelen.

Sinds het privacyschandaal een jaar geleden aan het licht is gekomen, heeft Facebook meerdere malen naar Kogan gewezen. De onderzoeker beweert door het bedrijf als zondebok te zijn gebruikt.

Kogan maakte de app met de belofte dat de gegevens gebruikt zouden worden voor academisch onderzoek, maar verkocht de gegevens daarnaast aan Cambridge Analytica. Dat is tegen de regels van Facebook, maar het sociale medium heeft dit voor zover bekend tot maart 2018 nauwelijks tot nooit gehandhaafd, ook niet bij andere ontwikkelaars van Facebook-apps.

Een woordvoerder van Facebook noemt Kogans stap naar de rechter in The New York Times "ondoordacht" en zegt dat de overtredingen van Facebooks beleidsregels "de data van mensen in gevaar heeft gebracht".

Een advocaat van Kogan zegt dat Facebook "precies wist" wat zijn app deed, of dat had moeten weten. "Facebook had (na het uitkomen van het Cambridge Analytica-schandaal, red.) hard een zondebok nodig."

Het Verenigd Koninkrijk heeft Facebook eerder een boete van 500.000 pond (ruim 585.000 euro) gegeven voor het bestaan van de functie waarmee appontwikkelaars tot 2015 data van Facebook-gebruikers en hun vrienden konden verzamelen.