De politie mag per 1 maart mensen hacken die verdacht worden van misdrijven waar minimaal vier jaar cel op staat. Vrijdag treedt de wet Computercriminaliteit III, die dit mogelijk maakt, in werking.

In juni stemde een meerderheid in de Eerste Kamer in met de wet, nadat de Tweede Kamer in december 2016 al akkoord was gegaan.

De politie mag vanaf 1 maart allerlei soorten apparaten, zoals computers, smartphones en servers, binnendringen om bewijs voor misdrijven te verzamelen. Op die manier kan de politie bijvoorbeeld communicatie afluisteren of gegevens kopiëren.

In december werd in de vaste kamercommissie voor Justitie en Veiligheid nog kritiek geuit op de mogelijkheid om verdachten te hacken, omdat de bevoegdheid veel verder gaat dan een huiszoeking. "Continu 24/7 wordt alles van iemand bekeken, inclusief de mensen die toegang tot die (digitale, red.) omgeving hebben en de omgeving rondom de verdachte heen", gaf de commissievoorzitter destijds de kritiek door aan minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus.

Ook was er kritiek op de minister omdat hij volgens commissieleden niet voldoende beargumenteert waarom de huidige middelen, ten opzichte van de hackbevoegdheid, tekortschieten. "Dit wekt de indruk dat u deze bevoegdheden invoert niet omdat het moet, maar omdat het kan."

Voordat de politie een computer mag binnendringen, moet het Openbaar Ministerie (OM) daarvoor een verzoek indienen bij de rechter-commissaris. Het OM moet de bevoegdheid intern toetsen op proportionaliteit (weegt de zwaarte van het middel op tegen de inbreuk?) en subsidiariteit (kan hetzelfde doel bereikt worden met een lichter middel?). Daarnaast benadrukt Grapperhaus dat er sprake moet zijn van een dringend opsporingsbelang.

Politie mag (virtuele) lokpuber gebruiken

Naast het hacken van verdachten is in de wet geregeld dat de politie zich voortaan mag voordoen als lokpuber om digitale kinderlokking (grooming) aan te pakken. Daarvoor mag ook een virtuele avatar worden ingezet.

Critici wijzen erop dat een persoon daarbij veroordeeld zou kunnen worden voor het chatten met een virtuele avatar. In het strafproces is in dat geval alleen een verdachte betrokken, maar geen menselijk slachtoffer.

Daarnaast wordt met de wet Computercriminaliteit III ook het kopen, bezitten of verkopen van gestolen computergegevens strafbaar.