De Nederlandse politie heeft, grotendeels onbewust, een bijdrage geleverd aan de arrestatie van een van de grootste drugsbarons ter wereld: de Mexicaanse Joaquín Guzmán, beter bekend als 'El Chapo'.

De Landelijke Eenheid bevestigt berichtgeving in de Volkskrant waaruit blijkt dat de Nederlandse politie in 2011 en 2012 grote delen van het drugsnetwerk rond 'El Chapo' afluisterde.

Uit onderzoek van de krant blijkt dat een server die in de afluisteroperatie werd gebruikt in Nederland was gevestigd. De afgeluisterde communicatie werd doorgespeeld aan de FBI. Hierdoor kreeg de Amerikaanse opsporingsdienst een goed beeld van het drugskartel en bovendien voor het eerst de stem van El Chapo hoorde.

De Nederlandse politie kende het belang van de operatie slechts gedeeltelijk, schrijft de krant. De FBI vertelde pas in januari 2013 dat de afluisteroperatie om 'El Chapo' draaide.

Het netwerk rond de drugsbaron kon worden afgeluisterd, omdat een infiltrant die voor de FBI werkte het communicatienetwerk voor hem had opgezet. De FBI had daardoor toegang tot de server én de sleutels om de berichten te ontcijferen.

Server kwam door innige samenwerking in Nederland

Naar verluidt kwam de server vanwege de innige samenwerking in Nederland terecht. Ook gaat Nederland in vergelijking met andere landen makkelijk om met tapverzoeken.

"We hebben in overleg met het Openbaar Ministerie (OM) besloten gehoor te geven aan het verzoek van de Amerikanen", aldus een politiewoordvoerder in een reactie na de berichtgeving van de Volkskrant, die aangeeft dat dit soort verzoeken wel vaker binnenkomen.

Vanaf het moment dat de server in Nederland gebruikt werd, werd de communicatie rond 'El Chapo' afgetapt door het Team High Tech Crime (THTC). De versleutelde gegevens werden doorgegeven aan de FBI.

In Nederland zouden weinig mensen op de hoogte zijn geweest van het verzamelen van de data. Ook binnen de politie zou slechts een kleine groep hebben geweten van de samenwerking met de FBI.