Online streamingdiensten als Netflix nemen een steeds grotere hap uit de televisie-uitgaven van consumenten. Inmiddels gaat 16 procent van het bedrag dat een Nederlands huishouden gemiddeld aan televisie- en videodiensten betaalt, naar diensten die wat anders aanbieden dan traditionele televisie.

Zo'n 1,5 jaar geleden lag dit aandeel nog op 11 procent, meldt marktonderzoeker Telecompaper maandag.

Netflix zelf is goed voor 12 procent van de bestedingen. Het bedrijf moet wat omzet betreft alleen Ziggo en KPN voor zich dulden. Samen zijn de drie partijen goed voor 85 procent van de Nederlandse tv- en video-omzet.

De overige 15 procent wordt verdeeld onder ruim 25 aanbieders, waaronder Delta, Film1, Eurosport Player, Pathé Thuis, Tele2, Videoland en T-Mobile.