Tegen personen of organisaties die betrokken zijn bij cyberaanvallen zouden snel strafmaatregelen moeten kunnen worden genomen, vinden de regeringsleiders van EU-lidstaten.

De EU-leiders gaven op hun top in Brussel de opdracht zo'n sanctiesysteem uit te werken. Nederland, het Verenigd Koninkrijk en enkele andere landen hebben op zulke strafmaatregelen aangedrongen.

Rusland wordt niet specifiek genoemd. Maar door Moskou aangestuurde cyberoperaties, zoals de hackpoging op de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag, zijn aanleidingen voor de maatregel. Het moet een afschrikkende werking hebben en bijvoorbeeld plannen voor het manipuleren van verkiezingen dwarsbomen.

Het strafsysteem moet het mogelijk maken mensen een visum voor Europa te weigeren en hun banktegoeden te bevriezen, als blijkt dat zij achter cyberaanvallen zitten. Het maakt niet uit waar ze wonen of wat hun nationaliteit is. De Europese Commissie gaat het plan juridisch in orde maken.

Rutte: 'Grotere noodzaak na spionagepoging OPCW'

Premier Mark Rutte heeft zijn collega's bijgepraat over de MIVD-operatie waarmee de aanval op de OPCW werd verijdeld. "Die vergroot de noodzaak tot meer weerbaarheid tegen cyberdreigingen", aldus premier Rutte. 

"Veel lidstaten vinden dit belangrijk. Daarom wordt nu een cybersanctieregime gericht tegen personen uitgewerkt. Een mooie basis om verder mee te gaan."

De Europese leiders zijn vanwege dergelijke aanvallen "vastberaden vijandige activiteiten van buitenlandse inlichtingennetwerken en andere kwaadwillige actoren op ons grondgebied te voorkomen, op te sporen en verstoren".

De EU nam deze week een soortgelijk sanctiesysteem aan voor mensen die betrokken zijn bij een aanval met chemische wapens, zoals in het Britse Salisbury.