De Amerikaanse telecomautoriteit Federal Communications Commission (FCC) heeft een verhaal over een digitale aanval verzonnen, concludeert de inspecteur-generaal van het onafhankelijke overheidsorgaan.

De website van de FCC werd in mei 2017 onbereikbaar voor bezoekers. Een hooggeplaatste medewerker van de autoriteit zei destijds dat het om een zogenaamde DDoS-aanval ging. Bij zo'n aanval wordt een website door kwaadwillenden bestookt met enorme hoeveelheden dataverkeer.

De inspecteur-generaal concludeert volgens de nieuwssite Gizmodo dat het niet om een gerichte aanval ging. De website werd waarschijnlijk onbereikbaar, doordat John Oliver van de latenightshow Last Week Tonight kijkers van zijn programma opriep om de website te bezoeken.

FCC-voorzitter Ajit Pai distantieerde zich maandag al van de tekortkomingen van zijn organisatie. Hij beschuldigde de hooggeplaatste medewerker ervan hem van "onjuiste informatie" te hebben voorzien. Pai stuurde in juni 2017 een brief over het incident naar het Amerikaanse Congres, waarin hij over een aanval sprak.

Discussie rondom netneutraliteit

Het incident vond plaats in aanloop naar de beslissing van de FCC om in de Verenigde Staten minder streng om te gaan met de netneutraliteit. Volgens het principe van netneutraliteit moeten providers internetverkeer in alle gevallen gelijk behandelen.

Bepaalde regels werden in december definitief afgeschaft, waardoor providers onder meer websites mogen blokkeren en andere websites mogen voortrekken in ruil voor geld. Een deel van het Amerikaanse Congres wil de regels voor netneutraliteit weer invoeren.