DEN HAAG - De kosten die internetaanbieders maken om hun netwerk voor politie en justitie aftapbaar te maken, zijn niet onredelijk en niet onnodig hoog. Dat stelt minister Brinkhorst (Economische Zaken) in zijn verweer in een bodemprocedure tegen internetprovider XS4All.

Het bedrijf wil een vergoeding voor de investeringen. De KPN-dochter beschuldigt de overheid van onzorgvuldige kostenafwegingen.

Sinds eind 2001 heeft XS4All bedrijf naar eigen zeggen bijna een half miljoen euro geïnvesteerd om aan de aftapverplichting te voldoen. De minister twijfelt of dat bedrag klopt en is niet overtuigd van de cijfers.

Van een maatregel om kosten voor de overheid te besparen is geen sprake. Het is een principiële keuze om investeringskosten bij eindgebruikers terecht te laten komen, schrijft Brinkorst. "De internetaanbieder dient de kosten te dragen die worden veroorzaakt door het mogelijke gebruik door criminele organisaties. Het zou oneerlijk zijn om de kosten over de belastingbetaler uit de te smeren, terwijl niet iedereen van internetdiensten gebruikmaakt." Als providers hun investeringskosten kunnen doorberekenen, verdwijnt de prikkel om het netwerk zo goedkoop mogelijk aftapbaar te maken, beargumenteert de minister.

XS4All bleef er woensdag bij dat alle aftapkosten in het algemene belang van criminaliteitsbestrijding worden gemaakt en dus uit overheidsmiddelen betaald moeten worden. De provider overweegt om in dezelfde rechtszaak de sinds kort fors verlaagde vergoeding voor het plaatsen van een internettap aan te vechten.

De rechtbank in Den Haag beslist op 8 juni over de voortgang van de bodemprocedure.