Facebook breidt zijn factcheckprogramma uit naar veertien landen om nepnieuws en gemanipuleerde beelden op te sporen.

De extra maatregelen van Facebook om verspreiding van nepnieuws tegen te gaan, werden donderdag door het bedrijf bekendgemaakt.

Het factcheckprogramma van Facebook wordt uitgevoerd door externe partijen in veertien landen. In Nederland gebeurde dat al, onder meer door NU.nl. Aan het eind van 2018 moeten nog meer landen zijn aangesloten. 

Volgens Facebook liep dankzij factchecking de verspreiding van berichten die als nepnieuws worden gemarkeerd gemiddeld met 80 procent terug.

Facebook breidt het herkennen van gemanipuleerde foto's en video's uit naar vier landen. Daarmee wil het bedrijf tegengaan dat bewerkte plaatjes als waarheid worden verspreid. In maart kondigde Facebook aan hiermee te starten in Frankrijk met de hulp van persbureau AFP. Welke landen erbij komen is niet duidelijk.

Facebook zet verder kunstmatige intelligentie in om nepverhalen te detecteren. Het gaat bijvoorbeeld om het achterhalen van gekopieerde artikelen die eerder door menselijke factcheckers als nep zijn bestempeld. Algoritmes van Facebook kunnen ook voorspellen welke pagina's "waarschijnlijk" misinformatie delen in andere landen.

In mei stelde Facebooks nieuwstopvrouw Alex Hardiman nog dat Facebook zijn rol binnen de journalistiek "enorm serieus" neemt. Het bedrijf ziet het als taak om gedegen journalistiek "prominenter te tonen in nieuwsoverzichten van gebruikers".