Het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden heeft donderdag een wet aangenomen die het online spionageprogramma van de veiligheidsdienst NSA verlengt.

De wetgeving is het hoogtepunt van een jarenlang debat in het Congres over de juiste reikwijdte van de verzameling van data in de VS. Dat debat werd aangewakkerd toen klokkenluider Edward Snowden in 2013 geheime documenten van de veiligheidsdienst lekte aan journalisten.

De wet geeft de NSA toestemming om diverse burgers te spioneren. Zo mag de veiligheidsdienst zijn programma PRISM gebruiken, waarmee er door data in handen van Amerikaanse tech-bedrijven wordt gescand.

De toestemming hiervoor zou later deze maand aflopen, tenzij deze opnieuw werd toegekend. Het Huis van Afgevaardigden stemde daar donderdag mee toe. Het spionageprogramma van de NSA mag daardoor zes jaar langer doorgaan, mits fr Senaat dit ook goedkeurt. Ook moet president Donald Trump zijn handtekening nog onder de wet zetten.

Privacy

Volgens privacy-activisten krijgt de NSA hiermee ook toestemming om door te gaan met een speciaal programma waarmee data over verdachte personen verzameld wordt. Via dit programma onderschept de NSA communicatie waarin een doelwit genoemd wordt, zelfs als die informatie niet direct naar of van die persoon verstuurd is.

De NSA heeft het programma onlangs stopgezet, maar de nieuwe wet geeft de dienst toestemming om het programma opnieuw op te starten.

Enkele Republikeinen en Democraten wilden extra regels omtrent privacy aan de wet toevoegen, maar deze werden donderdag afgewezen door het Huis van Afgevaardigden. Met die regels zou de NSA onder meer eerst een gerechtelijk bevel moeten krijgen, voor ze data van Amerikanen die per ongeluk onderschept zijn mochten doorzoeken.