Facebook heeft verwijzingen naar mogelijke Russische inmenging verwijderd uit een rapport over manipulatie en nepnieuws tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

Dat meldt The Wall Street Journal op basis van niet nader genoemde bronnen.

Het rapport getiteld 'Information Operations and Facebook' werd in april door de techgigant gepubliceerd. In het document analyseert Facebook hoe informatie zich op het sociale netwerk verspreidt en wat voor rol nepnieuws daarbij mogelijk speelt.

Volgens The Wall Street Journal werd in een eerdere versie ook gesproken over Rusland, dat een mogelijke rol speelde bij de verspreiding van nepnieuws. 

De vroege versie van het document leidde tot discussie binnen het bedrijf, omdat er nog teveel onduidelijk zou zijn over mogelijke Russische inmenging. Onder druk van het beleidsteam en advocaten werden de verwijzingen naar Rusland uiteindelijk geschrapt.

Het uiteindelijke document verwees enkel naar "kwaadwillende partijen" en bevatte niets over specifieke landen. Door de passages over Rusland te verwijderen, kromp het aantal pagina’s van de analyse.

Reclame

Facebook zou uiteindelijk pas in september naar de Russen wijzen als de verspreiders van nepnieuws. Op 1 november dit jaar getuigt het sociale netwerk samen met Twitter over Russische reclame die tijdens de verkiezingen werd ingekocht. Advertenties werden gebruikt om nepnieuws te verspreiden.

Uit recente cijfers gepubliceerd door Facebook blijkt dat tien miljoen Amerikanen verkiezingsreclame verspreid door de Russen op Facebook zag.