Amerikaanse en Britse inlichtingendiensten NSA en GCHQ bereiden een cyberoorlog voor, door netwerken van zowel bevriende als vijandige inlichtingendiensten te hacken.

Dat blijkt uit documenten die Der Spiegel van klokkenluider Edward Snowden heeft gekregen.

In de documenten is te zien dat Amerikaanse en Britse inlichtingendiensten NSA en GCHQ intern opscheppen over hun online mogelijkheden. Wanneer een vijand de VS of het Verenigd Koninkrijk digitaal aanvalt, kunnen de landen terugslaan met een verregaande tegenaanval.

Een cyberaanval wordt dan niet enkel afgewend, de Amerikaanse en Britse geheime diensten zouden vijandige systemen ook kunnen infiltreren. Bij zo'n tegenaanval zou de aanvalsmethode van de vijand worden ingezet en overgenomen. Zo worden "het gereedschap, de kennis, de doelwitten en de buit" van de vijand gestolen, meldt één van de documenten.

Wapenwedloop

Ook zouden de Amerikaanse en Britse inlichtingendiensten aanvallen op kritieke systemen als stroom- en watervoorzieningen, fabrieken, verkeer en luchtvaart hebben klaarliggen als stok achter de deur. NSA en GCHQ zouden constant nieuwe mensen in dienst nemen om dergelijke cyberaanvallen voor te bereiden.

Op die manier zouden de landen een digitale wapenwedloop voorbereiden. Volgens de interne documenten van Snowden zien de VS en Groot-Brittanië hun kansen bij een wereldwijde cyberoorlog positief.

Bevriende landen

Bovendien zouden de NSA en GCHQ ook netwerken van bevriende landen infiltreren. Alle landen die geen deel uitmaken van de zogenoemde Five Eyes Alliance (Australië, Canada, Nieuw Zeeland, Groot-Britannië en de VS) zouden geïnfiltreerd kunnen worden.

Daarbij zouden NSA en GCHQ inlichtingen van die landen kunnen inzien, om zo hun eigen informatievoorziening steeds completer te krijgen. De inlichtingendiensten zouden goed zijn in het verbergen van hun sporen, en het plaatsen van valse bewijzen op de servers van zondebokken.