De Amerikaanse president Barack Obama legt nieuwe sancties op aan Noord-Korea. Dit is een reactie op de cyberaanval op Sony Pictures.

Dat meldt het Witte Huis vrijdag.

De nieuwe sancties betreffen drie bedrijven en tien Noord-Koreaanse regeringsfunctionarissen. Daartoe behoren personen die werken in Rusland, China, Syrië en Iran.

Amerikanen mogen geen zaken meer doen met de bedrijven en personen in kwestie. Hun wordt met name de toegang tot het Amerikaanse bankenstelsel ontzegd.

Volgens een woordvoerder van het Witte Huis nemen de Verenigde Staten de "aanval" van Noord-Korea serieus. Deze zou gericht zijn op het "toebrengen van destructieve financiële gevolgen aan een Amerikaans bedrijf". Ook wijzen de VS op het recht op vrijheid van meningsuiting van kunstenaars.

De VS denken dat Noord-Korea achter de hack van de computers van Sony zit. Het bedrijf heeft een film (The Interview) geproduceerd over een moordcomplot tegen de Noord-Koreaanse dictator Kim Jong-un. Daarop kwam het ook tot terreurdreigingen tegen Sony.

The Interview

Sony schrapte The Interview in eerste instantie, maar besloot de film alsnog uit te brengen. Obama zou de producent daartoe hebben aangezet, meende Noord-Korea.

Het land haalde eind december hard uit naar de Amerikaanse president. Obama zou zich "zo roekeloos als een aap in het bos" hebben gedragen, aldus een regeringswoordvoerder.

De regering veroordeelde het vertonen van de ''oneerlijke en reactionaire film'', die niet alleen Kim kwetst, maar ook terrorisme in de hand zou werken.

Bekijk de trailer van The Interview:

'Geen oorlogsmisdaad'

In een eerder interview met CNN had Obama al aangegeven "gepast te zullen reageren" op de hack. De Amerikaanse president noemde de cyberaanval "zeer kostbaar, digitaal vandalisme". Obama zei de hack echter niet als een oorlogsdaad te beschouwen.

Video: 'Hack Sony geen oorlogsdaad'

Atoomprogramma

Er zijn al langer Amerikaanse sancties van kracht tegen Noord-Korea. De VS zijn onder meer verbolgen over het atoomprogramma van het communistische bewind in Pyongyang.