Noord-Korea ontkent iets te maken te hebben met de hack van Sony van twee weken geleden. Het land prijst de actie echter en stelt dat deze mogelijk is uitgevoerd door een bondgenoot van het land.

Dat meldt persbureau AFP zondag.

Er gingen geruchten de ronde dat Noord-Koreaanse experts achter de grote hack zaten. De software die de hackers bij de cyberaanval op Sony hebben gebruikt, is dezelfde als die in 2013 bij hacks tegen Zuid-Korea is gebruikt.

Bovendien wordt in een van de te verschijnen Sony-films Noord-Korea op de hak genomen. In comedy The Interview proberen karakters gespeeld door acteurs James Franco en Seth Rogen de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-Un om te brengen.

Noord-Korea stelt dat de hack mogelijk een protest is tegen het verschijnen van deze film, maar zegt zelf niet betrokken te zijn.

Goed geplande misdaad

Forensisch experts die door Sony zijn ingehuurd om de hack  te onderzoeken, zeggen dat de cyberaanval ''ongekend'' is. Kevin Mandia van het Amerikaanse veiligheidsbedrijf FireEye noemde de hack ''een ongeëvenaarde en goed geplande misdaad'' in een brief aan directeur Michael Lynton van Sony Entertainment.

''Het doel van deze aanval verschilt van alles waar we in het verleden mee te maken hebben gehad, omdat het ging om zowel het vernietigen van eigendommen als het lekken van geheime informatie'', schreef Mandia.

''De conclusie is dat dit een ongeëvenaarde en goed georganiseerde misdaad is, uitgevoerd door een georganiseerde groep, waar Sony niet op voorbereid had kunnen zijn.''

De hackers hebben met de aanval een aantal Sony-films buitgemaakt die alleen nog in de bioscoop te zien zijn. Ook is er gevoelige informatie onderschept, zoals bijvoorbeeld wachtwoorden, filmscripts en salarisstrookjes van acteurs.