Het CBP pleit ervoor dat providers gegevens over het gebruik van websites en apps opslaan, om consumenten inzicht in hun mobiele verbruik te geven.

Dat zegt voorzitter van het CBP (College Bescherming Persoonsgegevens) Jacob Kohnstamm in het tv-programma Radar.

Kohnstamm doet die uitspraak naar aanleiding van klachten van Vodafone-klanten. Die klaagden in Radar dat ze ineens hogere kosten maakten omdat ze volgens Vodafone hun datalimiet overschreden.

Volgens Kohnstamm kan zo'n situatie vermeden worden als mobiele providers hun klanten een gedetailleerd overzicht kunnen geven van welke apps en sites verantwoordelijk zijn voor hoog dataverbruik.

Deep packet inspection

Het advies van Kohnstamm is opvallend, het CBP oordeelde in de zomer van 2013 nog dat Nederlandse providers juist teveel informatie over het internetgedrag van hun klanten bijhielden. Het college deed die uitspraak toen naar aanleiding van KPN, dat deep packet inspection toepaste op het dataverbruik van zijn klanten.

KPN wilde zo onder meer controleren of zijn klanten Whatsapp gebruikten, zodat daar extra geld voor kon worden gevraagd. Het CBP zei toen dat providers dergelijke gegevens slechts geanonimiseerd en voor beperkte tijd mochten bewaren.

Nu zegt het CBP dat deep packet inspection wel is toegestaan, maar dan voor het verduidelijken van het dataverbruik van de klant. Onduidelijk is of de klant daar zelf eerst toestemming voor moet geven. Ook is niet bekend of mobiele providers worden beperkt in de doeleinden waarvoor de informatie wordt gebruikt.

Wat is Deep Packet Inspection?