Facebook en Yahoo hebben bij een geheime Amerikaanse rechtbank gevraagd om meer openheid rond het aantal dataverzoeken dat de bedrijven ontvangen.

Daarmee treden ze in de voetsporen van Google en Microsoft, die dit al in juni deden. Dat meldt persbureau Reuters.

De bedrijven hebben contact gehad met een Amerikaanse regeringscommissie die het Amerikaanse spionagenetwerk moet herzien, na de onthullingen van klokkenluider Edward Snowden. Die gesprekken lijken echter nergens toe te hebben geleid.

Steeds meer internetbedrijven publiceren 'transparantierapporten', waarin ze duidelijkheid geven over het aantal dataverzoeken uit verschillende landen. Verzoeken van inlichtingendiensten zitten daar vaak echter niet bij, of worden niet als aparte categorie aangeduid.

Grondwet

Google heeft wel gezegd dat het per jaar minder dan duizend National Security Letters, dataverzoeken van inlichtingendiensten, krijgt. Die zouden betrekking hebben op minder dan tweeduizend accounts. De zoekgigant mag niet zeggen aan hoeveel van de verzoeken wordt voldaan.

Volgens Google heeft het bedrijf onder de Amerikaanse grondwet het recht om hier wel duidelijkheid over te geven. Het politieke en sociale belang hiervan zou zwaarder moeten wegen dan de functie van de inlichtingendiensten.

Bovendien bestaat er geen Amerikaanse wet die het vrijgeven van zulke data verbiedt. Alleen de geheime FISA-rechtbank heeft dat verboden. "Het is niet gepast dat deze rechtbank in essentie een wetgevende functie heeft door zo'n verbod te creëren", stelde Google.

James Clapper, de nationale inlichtingendirecteur in de VS, heeft beloofd zelf meer informatie over dataverzoeken openbaar te zullen maken. Volgens hem is het echter gevaarlijk als bedrijven dit zelf doen.

Vijf vragen over Amerikaanse internetspionage

Alles over PRISM in ons dossier