De rol van de Nederlandse inlichtingendiensten in het Amerikaanse PRISM-schandaal wordt onderzocht.

Dat heeft de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) dinsdag bekendgemaakt. De commissie komt daarmee tegemoet aan een verzoek van de Tweede Kamer vorige maand.

De toezichthouder gaat onder meer kijken naar de gegevensverwerking van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD). Verder wordt onderzocht hoe de diensten omgaan met het mogelijk uitwisselen van gegevens met buitenlandse inlichtingen- of veiligheidsdiensten.

De CTIVD bekijkt onder meer of de manier waarop de diensten aan informatie over personen komen wel volgens de regels van de grondwet en het mensenrechtenverdrag gaat.

Het onderzoek was een voorstel van D66. De partij kreeg steun van de VVD, PvdA en de SP. Minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk (PvdA) zei eerder dat Nederlandse inlichtingendiensten het afluisterprogramma PRISM niet gebruiken om informatie over personen te verkrijgen.

De AIVD en de MIVD zouden verder ook de Amerikaanse inlichtingendiensten hebben gevraagd om het aftapprogramma niet te gebruiken voor informatie. Een anonieme AIVD-agent zei eerder echter in De Telegraaf dat de AIVD ook toegang tot Prism heeft.

Vijf dingen die je moet weten over PRISM

Alles over het aftapprogramma in ons dossier