Zowel Ziggo als UPC zijn bezig met de uitrol van wifi-hotspots, een manier om klanten overal een wifi-verbinding te kunnen bieden, ook buiten huis. Wat houdt het precies in?

Ziggo begon als eerst met het testen van wifi-hotspots. Inmiddels beschikken diverse gemeenten in Groningen, Noord-Holland en Zuid-Holland over het wifi-netwerk.

Internetmodems van klanten worden ingezet als hotspots voor andere klanten. Dit betekent dat de modem twee signalen gaat uitsturen. Eén voor de klant zelf voor in en rond het huis en één voor derden die in de buurt zijn of op straat lopen.

Zowel bij Ziggo en UPC wordt het openbare netwerk volledig gescheiden van het privénetwerk. Op die manier zou de snelheid van het thuisnetwerk geen hinder moeten ondervinden en blijft de veiligheid gewaarborgd.

Ziggo zal nog dit jaar landelijk, in de gemeenten waar Ziggo actief is, het netwerk uitrollen. UPC begint per 1 juli met de eerste tests en zal dus nog langer nodig hebben.

Insteek

Ook is de huidige insteek bij de bedrijven anders. Ziggo ziet de hotspots als alternatief voor mobiel internet waarbij klanten op sommige plekken op straat verbinding kunnen maken met het wifi-netwerk. UPC richt de hotspots vooralsnog alleen op gebruik binnenshuis. Dat betekent dat als je bij iemand op visite bent niet hoeft in te loggen op het persoonlijke wifi-netwerk maar overal automatisch verbinding maakt. Of de ambitie wel een breder wifi-net is, wil UPC nog niet zeggen.

De uitrol van wifi-hotspots kan gezien worden als compensatie voor het ontbreken van mobiele activiteiten. Ziggo en UPC beschikken niet zoals KPN, Vodafone en T-Mobile over een eigen mobiel netwerk. KPN, dat op alle markten actief is, kan klanten tv, vast internet, vast bellen en mobiele diensten bieden.