Digitale spionage blijft grote dreiging

DEN HAAG - Digitale spionage en cybercrime zijn nog altijd een grote dreiging voor ons land. Niet alleen de overheid, maar ook burgers en bedrijven zijn een gewild doelwit.  

Dat staat in het tweede Cybersecuritybeeld Nederland (CSBN) dat minister Ivo Opstelten vrijdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Volgens het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) zijn kwaadwillenden steeds sneller in staat zwakheden te misbruiken. Dat komt omdat beveiligingsbedrijven soms lang nodig hebben voordat ze nieuwe beveiligingssoftware hebben.

Bovendien kunnen zij niet op tegen het doorzettingsvermogen en de middelen die spionerende landen en cybercriminelen tot hun beschikking hebben.

Landen die bij andere landen spioneren, zijn vaak uit op geheime politieke of economische informatie, of ze hopen er financieel beter van te worden. Eind december, in het eerste CSBN, werd ook al gewaarschuwd voor een toename van digitale spionage door andere landen.

Onderschat

In het rapport staat dat in Nederland nog altijd de waarde van informatie wordt onderschat. Identiteitsgegevens, bedrijfsinformatie of kwetsbaarheden in software kunnen voor landen en criminelen grote waarde hebben. Er wordt soms ook veel geld voor betaald. Volgens het NCSC waren sommige incidenten te wijten aan het ontbreken van juiste beveiligingsmaatregelen.

Het NCSC ging in januari van dit jaar van start, onder meer om adviezen op het gebied van digitale veiligheid te geven. 

Tip de redactie