AMSTERDAM – Het kabinet wil onder meer de offensieve capaciteiten van de Nederlandse krijgsmacht op het gebied van digitale oorlogsvoering uitbreiden.

Dat blijkt uit een brief die het kabinet aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De tekst is een reactie op een advies van de Adviesraad voor Internationale Vraagstukken (AIV) en de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV).

Het kabinet ziet het advies als aanvulling op de Nationale Cyber Security Strategie en vindt bovendien dat de digitale dreiging van vandaag de dag een integrale aanpak vereist waarbij samengewerkt dient te worden met de publieke en private sector.

Capaciteit

Ook wordt in de brief duidelijk dat de digitale capaciteiten van het Nederlandse leger uitgebreid moeten worden. Het kabinet wil dat ook de offensieve slagkracht vergroot wordt. De regering ziet overigens geen noodzaak tot een nieuw wereldwijd cyberverdrag, maar werkt wel samen met diverse landen en stelt dat er een integrale EU-aanpak nodig is.

Over het uitbreiden van de offensieve mogelijkheden schrijft het kabinet: "Op termijn is een discussie nodig over het gebruik van offensieve capaciteiten binnen de NAVO."

"De toenemende dreiging in het digitale domein baren het kabinet zorgen. Spionage, sabotage, misdaad en terrorisme langs de digitale weg vormen een directe bedreiging voor de nationale veiligheid", zo staat in de brief.

Digitale oorlogsvoering

Het kabinet verwacht dat het digitale domein in elk toekomstig conflict een belangrijke rol zal spelen. "Aangezien niet alleen onze eigen netwerken kwetsbaar zijn, maar ook die van potentiële tegenstanders kan digitale oorlogsvoering ook worden gebruikt voor het versterken van de inlichtingenpositie en het uitvoeren van militaire operaties."

Overigens achten de bewindslieden van het huidige kabinet de kans op een zuivere cyberoorlog waarbij geen fysieke oorlogsvoering plaatsvindt gering. Dat stond ook al in het eerder gegeven advies.

Wel zullen digitale aanvallen vaker als ondersteunde actie worden ingezet, schrijft het kabinet. Hierbij is het volgens de brief noodzakelijk dat operationele en offensieve cybercapaciteiten onderdeel worden van het totale militaire vermogen van de Nederlandse krijgmacht.

Internationaal

Volgens het kabinet wordt er wederzijds overleg gevoerd met de VS, Engeland, Duitsland, Australië en de Benelux-landen. Daarnaast wordt de mogelijkheid voor 'een geïntensiveerde samenwerking' met de Scandinavische landen, Canada en Frankrijk onderzocht.

In nauw overleg met nationale en bovengenoemde internationale partners wordt op korte termijn een defensiestrategie opgesteld. Deze moet nog voor de zomer aan de Kamer gepresenteerd worden. Dan worden meer details duidelijk over het beleid dat het kabinet voor ogen heeft.

Plannen

Er wordt in de brief nu al benadrukt dat een samenwerking met het bedrijfsleven en universiteiten nodig is om schaarse specialisten aan boord te krijgen. Op korte termijn ligt de focus dan ook op het versterken van de defensieve en inlichtingenvermogens. In 2013 wordt een Defensie Cyber Expertise Centrum (DCEC) opgericht. Het jaar daarna volgt het Defensie Cyber Commando (DCC).

Volgens het kabinet vallen digitale daden van geweld alleen onder het oorlogsrecht wanneer ze worden gepleegd in een gewapend conflict.