AMSTERDAM – De FBI is niet alleen bezig met cyberaanvallen van andere landen, maar stelt dat er bewijs is dat terroristen interesse hebben getoond in het verkrijgen van kennis op het gebied van hacken.

Dat blijkt uit een toespraak van Robert S. Mueller, directeur van de FBI.

“Tot op de dag van vandaag hebben terroristen nog geen gebruik gemaakt van het internet om een volledige aanval uit te voeren”, aldus Mueller. “Maar we mogen hun intenties niet onderschatten. Terroristen hebben al interesse getoond in het verkrijgen van kennis over van hacken.”

Volgens de FBI-directeur bestaat er een kans dat er mensen van buiten worden aangetrokken, hoewel ook eigen leden van terroristische groeperingen getraind kunnen worden. “De beweging van terroristen naar cyberaanvallen maakt de missie van de FBI om terrorisme aan te pakken, moeilijker en uitdagender.”, meent Mueller.

Toename

Hij waarschuwt voor het gevaar van het verlies van essentiële data, intellectueel eigendom en onderzoeksresultaten. Dit verlies is volgens hem een bedreiging voor de nationale veiligheid.

Sinds 2002 ziet de FBI een toename van 84 procent in het aantal onderzoeken naar computerinbraken. De opsporingsdienst heeft inmiddels ruim 1000 speciaal getrainde mensen in dienst die zich richten op digitale opsporing en cyberaanvallen.

Cyberoorlog

De Adviesraad voor Internationale Vraagstukken (AIV) en de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) schreven in januari in een advies aan de Nederlandse overheid dat er te snel gesproken wordt over een cyberoorlog.

De organisaties stellen dat cyberaanvallen die dodelijke slachtoffers, vernietiging van infrastructuur of ontwrichting van de samenleving tot gevolg met geweld verdedigd mogen worden, maar dat deze gevolgen tot nu toe niet voorgekomen zijn.

Beveiligingsbedrijf McAfee uitte eind 2011 nog de vrees dat het in 2012 tot een echte cyberoorlog zal komen. Het bedrijf stelde toen: "We hebben nog niet vaak gezien dat ‘cyber’ een deel van een gewapend conflict werd. Toch is dat juist waar we in 2012 voor moeten vrezen."