AMSTERDAM – SP, GroenLinks en D66 zijn niet tevreden met de informatie van minister Opstelten over de spionagesoftware die de Nederlandse politie gebruikt op computers van verdachten.

Dat blijkt uit een rondgang van Webwereld.

Maandagavond werd bekend dat het Nederlandse korps politie diensten (KLPD) gebruikmaakt van speciale software waarmee vertrouwelijke communicatie op computers van verdachten kan worden afgeluisterd.

Volgens Opstelten gebeurt dit alleen in een zeer beperkt aantal gevallen en mag het niet zo maar ingezet worden. Over de details wil de minister van Veiligheid en Justitie echter niets zeggen.

Veel mist

“Ik ben niet voldoende geïnformeerd”, stelt Sharon Gesthuizen van de SP. Zij stelde samen met D66 en GroenLinks Kamervragen over de software. “De minister zegt niets over de kosten, over wat voor soort software en hoe vaak die wordt gebruikt.”

Arjan El Fassed van GroenLinks sluit zich daarbij aan: “De antwoorden laten veel mist bestaan. Als de wet toegepast wordt, moet hij exact weten hoe vaak dit gebeurt. Ook zegt hij niets over de praktijk, hoe deze software op pc’s terechtkomt.”

Uitgeschakeld

D66 is vooral verbaasd over het feit dat er blijkbaar dingen met de software gedaan mogen worden die wettelijk niet zijn toegestaan. Opstelten schrijft in zijn brief dat er onderdelen van de software uitgeschakeld worden.

"Dat is wel erg simpel gesteld. Want als je ze uit kunt schakelen kun je ze ook weer inschakelen. Volgens de minister wordt dit gecontroleerd door de keuringsdienst van het KLPD. Dat is als de slager die zijn eigen vlees keurt", aldus D66-Kamerlid Magda Berndsen.

Wettelijke grondslag

D66 plaatst ook vraagtekens bij de wettelijke grondslag voor het gebruik van de spionagesoftware. Volgens de partij is het wel zo dat het toegestaan is vertrouwelijke communicatie op te nemen met een technisch hulpmiddel, maar geldt dit mogelijk niet voor zulke nieuwe technologie die veel breder gebruikt kan worden.

“Dergelijke software kan immers veel meer dan afluisteren. Ik denk dat hiervoor aanvullende wet- en regelgeving nodig is.” De partijen zullen nieuwe Kamervragen indienen.