GROENEKAN - Politie, brandweer en andere hulpverleners moeten social media als Twitter tijdens grotere calamiteiten gebruiken om de vorming van ''rampmythes'' tegen te gaan.

Rampmythes zijn bijvoorbeeld geruchten over plundering en gezondheidsrisico's.

Door de berichtenstroom op social media in de gaten te houden, kunnen hulpverleners dergelijke berichten meteen tegenspreken.

Dat heeft bestuurskundige Menno van Duin dinsdag gezegd tijdens zijn intreerede als lector crisisbeheersing aan de Politieacademie en het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV).

Volgens Van Duin was bij de brand in Moerdijk vrijwel iedereen al ''twitterend, pingend, bellend en mailend'' informatie aan het verspreiden, voordat het eerste officiële bericht van de hulpverleners naar buiten kwam.

Vernieuwing

Van Duin denkt dat de crisisbeheersing in Nederland aan vernieuwing toe is door de snelheid waarmee informatie zich tegenwoordig verspreidt. ''Het beheersen van een ramp is bijna onmogelijk geworden.

Het doorhakken van knopen duurt lang, omdat er zoveel partijen bij zijn betrokken. Ondertussen bestoken burgers elkaar onophoudelijk met informatie via de social media'', zegt hij.

Duizenden sms'tjes

Tijdens de ramp in Moerdijk zijn vele duizenden sms'jes en tweets verzonden, terwijl weermannen op televisie er nog eens een schepje bovenop deden door plaatsen te noemen waar roetdeeltjes uit de rookwolk terecht konden komen.

''Er is sprake van rampinflatie. Een grote brand die 15 jaar geleden niet eens op televisie kwam, beheerst nu dagenlang het nieuws.

"Overheden moeten zich niet meer beperken tot het geven van voorlichting, maar ook actief peilen wat het beeld is van een ramp en zich actief in het twitterdebat mengen'', aldus de nieuwe lector.