AMSTERDAM – Google en Verizon, een van de grootste providers in de Verenigde Staten, hebben een gezamenlijk plan rondom netneutraliteit gepresenteerd. Opvallend is dat mobiel internet vooralsnog buiten het voorstel lijkt te vallen.

Zo willen Google en Verizon dat gebruikers alle content, applicaties en apparaten kunnen raadplegen die ze willen. Bepaalde services zouden geen voorrang moeten krijgen boven anderen.

Over het voorrang geven van diensten van bijvoorbeeld Google was discussie ontstaan nadat The New York Times eerder deze maand schreef dat Google en Verizon dichtbij een dergelijke overeenkomst waren.

Volgens de Amerikaanse krant was een afspraak nabij waarin providers bepaalde diensten voorrang zouden geven tegen betaling. Dit plan zou de netneutraliteit aantasten en mogelijk resulteren in een hogere rekening voor consumenten.

Open internet

Dinsdag is het bewuste plan dus gepresenteerd nadat Google al had ontkend voorrang te willen geven aan bepaalde diensten.

In het plan staat dat zowel Google als Verizon tegen de aantasting van de openheid van internet zijn. De bedrijven voelen zich echter genoodzaakt met een eigen voorstel te komen omdat de macht van de Amerikaanse telecomwaakhond in april flink ingeperkt werd.

Tegen discriminatie

De twee partijen schrijven in het voorstel dat ze absoluut tegen discriminatie van content zijn en prioriteit geven aan bepaalde services tegen willen gaan. Bovendien willen Google en Verizon dat het internet nog transparanter wordt en dat providers opener gaan communiceren naar klanten.

Ook kan uit het voorstel worden opgemaakt dat innovatie en investeringen erg belangrijk zijn om de openheid en huidige status van internet te behouden.

Mobiel internet

Opvallend is dat Google en Verizon laten weten onderscheid te willen maken tussen mobiel internet en ‘normaal’ internet. Volgens de bedrijven heeft mobiel internet een nog zeer ontluikende structuur waardoor de voorgestelde regelgeving niet van toepassing kan zijn op deze manier van internetten. Alleen het transparantievoorstel zou ook gelden voor mobiel internet.

Hiermee lijken de bedrijven dus een achteringang te creëren die netneutraliteit toch kan beïnvloeden. Mocht dit plan overgenomen worden door andere bedrijven en beleidsmakers, is het in theorie zo dat diensten als YouTube, of andere zware services, tegen betaling van de aanbieders voorrang krijgen om bij consumenten te worden gebracht.

Wel adviseren Google en Verizon dat een overheidsorgaan jaarlijks de ontwikkeling van mobiel internet evalueert en kijkt of het beleid wel bijdraagt tot bescherming van de consumenten.