AMSTERDAM - Na jarenlang voortslepende juridische procedures lijkt het einde nu toch echt nabij voor het omstreden technologiebedrijf SCO. Een rechtbankjury in Salt Lake City oordeelde dat de op de rand van faillissement balancerende onderneming geen eigenaar is van besturingssysteem Unix.

Het bedrijf wilde flinke licentievergoedingen eisen van bedrijven die gebruik maken van Unix of van het verwante Linux, waarin volgens SCO auteursrechtelijk beschermde onderdelen van Unix zouden zijn opgenomen. Zo daagde het in het verleden onder meer IBM en DaimlerChrysler voor de rechter.

SCO meende in in 1995 de rechten van Unix te hebben gekocht van concurrent Novell, maar de jury stelde vast dat SCO slechts een licentie had gekocht.

Faillissement

Al eerder oordeelden verschillende rechtbanken dat niet SCO, maar Novell eigenaar is van de Unix-rechten. Daarmee viel de bodem uit het bedrijfsmodel van SCO, dat bovendien door de rechter werd opgedragen om de ten onrechte reeds geïnde licentiegelden aan Novell over te dragen. Na die uitspraken moest SCO faillissementsbescherming aanvragen.

De dreigende ondergang van SCO werd met name in de opensource-gemeenschap met gejubel ontvangen: het bedrijf had zich met juridische procedures tegen Linuxgebruikers niet populair gemaakt.

Afgelopen zomer bleek die vreugde echter voorbarig. In hoger beroep besloot een gerechtshof dat opnieuw moest worden onderzocht of SCO de rechten inderdaad niet bezit. Nu ook dat onderzoek voor het bedrijf negatief uitvalt, raken de mogelijkheden voor SCO uitgeput.

Goede moed

Niettemin houdt advocaat Stuart Singer van SCO de moed er in. Tegenover persbureau AP noemt hij de uitspraak "een tegenvaller", maar volgens hem is de strijd nog niet gestreden. Hij gaat de rechtbank vragen SCO alsnog de rechten op Unix toe te kennen, "zelfs als we ze niet al bezaten."