HILVERSUM - Omroepdirecteuren gaan proberen om in de omroepbegroting van 2004 een bedrag van 47 miljoen euro te bezuinigen. Dit terwijl de overheid Publieke Omroep in 2004 een besparing heeft opgelegd van 40 miljoen euro. De omroepbazen leggen zichzelf dus een hogere bezuinigingsdoelstelling op dan in het regeerakkoord is gesteld.

Dit hebben de omroepen onlangs besproken tijdens een overleg in hotel Karel V in Utrecht. De directeuren proberen de gewenste besparingen deze maand te regelen, waarna in september bij de presentatie van de meerjarenbegroting duidelijk moet worden of het is gelukt. "We gaan aan de slag, maar geven geen garanties dat de extra besparingen lukken", aldus een woordvoerder van Publieke Omroep woensdag.

Als de omroepen er in slagen 7 miljoen euro extra te bezuinigen, dan wordt dat bedrag gestort in een apart potje waaruit nieuwe programma's kunnen worden gefinancierd. Vooral op het gebied van het realiseren van nieuw drama kan dat potje worden aangewend. Wegens de locatie van het overleg kreeg het potje de naam 'Karel V-Fonds'.

Om het bestaansrecht van de publieke omroep ook in de toekomst te garanderen vinden de omroepbonzen het nodig om nu te investeren. Het is overigens niet gezegd dat het volledige bedrag van 40 miljoen in 2004 moet worden opgehoest door Publieke Omroep. Ook de Wereldomroep en de omroeporkesten moeten er aan bijdragen. In 2007 moet het te bezuinigen bedrag zijn gestegen naar 80 miljoen euro op jaarbasis.

In verband met de bezuinigingen vroeg het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OC&W) aan onderzoeksbureau McKinsey hoe de omroep het beste kan besparen. Dat bureau concludeerde dat alleen al door efficiënter te werken 60 tot 100 miljoen per jaar kan worden bezuinigd.