SEATTLE - Het gebruik van sociale computertoepassingen zoals instant messaging, bloggen en persoonlijke sites beperkt zich al lang niet meer tot de privésfeer.

Softwaregigant Microsoft en automatiseerder Getronics bespeuren een groeiend enthousiasme voor het zogenoemde 'nieuwe werken' bij klanten.

Samenwerken

Sociale software, gecombineerd met de bekende communicatievormen als e-mail en telefoon, maken samenwerken succesvoller en efficiënter, aldus de twee bedrijven. Bovendien wordt het makkelijker om thuis te werken.

Getronics, tegenwoordig onderdeel van telecomconcern KPN, presenteerde afgelopen week een nieuw werkplekconcept, genaamd 'Future-Ready Workspace 2.0', dat naar eigen zeggen inspeelt op de nieuwe wensen van werknemers.

Zij moeten volgens Getronics op elk moment en op elke locatie met elkaar kunnen communiceren en samenwerken.

Sharepoint

Het programma Sharepoint van Microsoft, een platform waarop werknemers van bedrijven eenvoudiger met elkaar kunnen communiceren, was in 2007 wereldwijd goed voor 100 miljoen licenties.

Ter vergelijking: van het populaire programma Office werden 500 miljoen licenties verkocht. In Nederland maakt 65 procent van de tweehonderd grootste organisaties gebruik van Sharepoint.

Wiki

Voorbeelden van sociale computertoepassingen zijn het maken van een wiki om kennis over een bepaald onderwerp met collega's te delen of een 'instant messaging'-systeem waarop te zien is welke collega's zijn ingelogd en of ze beschikbaar zijn.

"Het gebruik van instant messaging komt nu op gang", aldus een Microsoft-woordvoerder. Van de grootste bedrijven en overheidsinstellingen maakt al meer dan een derde ervan gebruik.

Mysite

Een ander voorbeeld is een eigen 'mysite' voor collega's, waarop je behalve je expertise ook je persoonlijke muziekvoorkeur of je nevenactiviteiten zet. "Een grote bank in Nederland ontdekte dat medewerkers vele tientallen hyve-sites over het bedrijf hadden opgericht. De betreffende bank ziet dat liever binnen het bedrijf gebeuren", aldus Rob Elsinga, die zich bij Microsoft Nederland bezighoudt met communicatiesoftware.

Veel Nederlandse onderwijsinstellingen, ministeries en banken zien de voordelen in van Web 2.0, veel gebruikt als verzamelnaam van sociale toepassingen op het internet.

Internationaal

De financiële sector is een van de sectoren die hierin voorop loopt. Dit komt omdat deze sector op een internationaal niveau opereert en er bij deze instellingen veel werk op de computer wordt uitgevoerd.

Rabobank ontwikkelt bijvoorbeeld een nieuwe werkstijl via het programma Rabo Unplugged. Met dit programma kunnen tienduizend medewerkers op één virtuele ontmoetingsplaats samenkomen, ook als ze thuis zijn.

Leerlingen

Ook het Haarlemse Nova College gebruikt de nieuwste communicatiesoftware. De leerlingen hebben een eigen site, die ze zelf zo kunnen inrichten als ze willen. Ze kunnen er onder meer hun cijfers bekijken en hun eigen ontwikkeling bijhouden. Bovendien wordt ook het lesmateriaal online gezet.

De mbo-opleiding, met 15.000 leerlingen, ziet de software als een manier om de organisatie transparanter te maken en zichzelf als moderne school op de markt te zetten. "Bijna iedereen maakt gebruik van het systeem. Leraren die dat niet doen, worden hierop aangesproken door leerlingen", zegt marketingmedewerker Rob Nijssen van het Nova College.

Aantrekkelijk

De nieuwste communicatietechnieken worden niet alleen binnengehaald om organisaties efficiënter te laten werken, maar ook om als bedrijf aantrekkelijk te blijven voor jonge werknemers.

Volgens Rob Salkowitz, schrijver van het boek 'Generation Blend', is het aantrekken en vasthouden van de jongste generatie werknemers de komende tien jaar een van de grootste uitdagingen voor bedrijven en overheidsorganisaties wereldwijd.

"Jonge mensen zijn gewend om via allerlei vormen tegelijk te communiceren. Ook veranderen ze makkelijk van werkgever als ze zich niet goed met het bedrijf identificeren. Om een goede mix van verschillende leeftijden in het bedrijf te hebben, moeten bedrijven de nodige infrastructuur bieden", aldus Salkowitz.