Een aandeleninkoopprogramma is, net als een dividenduitkering, een manier om cash terug te laten vloeien naar de aandeelhouders. Het verschil met een dividenduitkering is dat het een afgebakend programma is, terwijl dividend een voortdurende toewijding veronderstelt.

Momenteel is aandeleninkoop populairder dan het uitkeren van dividend. Amerikaanse bedrijven hebben in het eerste halfjaar van 2018 al voor 200 miljard dollar aan aandelen teruggekocht, tegen zo’n 100 miljard dollar aan uitgekeerd dividend. Dat was 20 jaar geleden heel anders.

Aandeleninkoopprogramma's hebben de aandelenkoersen de laatste jaren flink omhoog gejaagd. Maar aandeleninkoop kent ook een aantal schaduwkanten, dat vooral op de lange termijn zichtbaar wordt.

Beleggers moeten zich daar bewust van zijn, vertelt Duncan Lamont, hoofd research bij de Britse vermogensbeheerder Schroders. Hij somt zes redenen op waarom beleggers grote aandeleninkoopprogramma's moeten wantrouwen.

1. Inkoopprogramma's zijn een waarschuwingssignaal 

Lamont: "Bedrijven kunnen kiezen om cash te investeren in het bedrijf voor toekomstige groei, of het terug te laten vloeien naar de aandeelhouders. Als er geen aantrekkelijke investeringsmogelijkheden zijn, is het beter om het terug te geven aan de aandeelhouders. Een hoge uitkering aan de aandeelhouders kan dus wijzen op een gebrek aan investeringsmogelijkheden."

Het feit dat bedrijven de afgelopen jaren ongeveer 100 procent van hun winst hebben uitgekeerd via een combinatie van dividenden en aandeleninkoopprogramma's (dit cijfer staat bekend als de pay-out ratio) is volgens Lamont zorgwekkend.

2. Negatieve gevolgen voor de lange termijn

Lamont: "Hoge uitkeringen aan de aandeelhouders lijken aantrekkelijk, maar ze beperken de ruimte voor bedrijven om het geld te herinvesteren. Daardoor kan het een duurzame langetermijngroei ondermijnen. Met een uitkering van bijna 100 procent van de winst, daalt de duurzamegroei ratio naar 0 procent. Dat zou catastrofaal zijn."

3. Markt raakt erdoor verstoord

Lamont: "Hadden bedrijven niet zoveel aankoopprogramma's opgetuigd, dan was het rendement op Amerikaanse aandelen lang niet zo hoog geweest. Grote vraag is wat er gebeurt als deze steun vanuit het bedrijfsleven wegvalt. Een kentering hierin kan ook een rotatie richting markten buiten de VS in gang zetten."

4. Oh jee, de rente stijgt

Lamont: "De lage rente was een belangrijke drijfveer voor het instellen van aandeleninkoopprogramma's. Wat als de rente stijgt? Valt deze steunpilaar onder de aandelenmarkten dan weg?"

5. Aandeleninkoop leidt tot window-dressing...

Lamont: "Door eigen aandelen in te kopen, wordt het aantal uitstaande aandelen minder. Met die kunstgreep valt de winst per aandeel aardig op te krikken. Meer dan 70 procent van de bedrijven in de S&P 500 heeft het aantal uitstaande aandelen gereduceerd tussen het derde kwartaal van 2017 en het derde kwartaal van 2018. Dat stuwt de winst per aandeel, ook als er niet meer winst is gemaakt."

6. ... en een hogere bonus

Lamont: "Meer winst per aandeel is een belangrijk criterium bij veel bedrijven voor de beloning van leidinggevenden. Door de winst per aandeel te vergroten, neemt de beloning toe. In het slechtste geval kunnen aandeleninkoopprogramma's worden ingezet voor persoonlijk gewin op de korte termijn."