Dit is waarom de olieprijs stijgt

De stijgende olieprijs komt niet uit de lucht vallen. Zes ontwikkelingen houden de rally in stand.

Dat schrijft IEXProfs.nl. Het kan vreemd lopen op de beurs. Begin 2016 gaf niemand nog een cent voor de oliesector. De olieprijs zou laag blijven en duurzame alternatieven zouden steeds meer marktaandeel veroveren.

Nu twee jaar later is de stemming volledig omgeslagen. Aan de aanbodkant hebben de olieproducerende landen van Opec succes gehad in het beperken van de productie; lage investeringen door grote oliebedrijven hebben de productie ook niet bepaald geholpen; en de politieke conflicten in Iran en Venezuela zorgen zelfs voor een dreigend tekort. De vraagkant blijft ondertussen sterk door het gunstige economisch klimaat.

Het gevolg is dat de prijs voor een vat Noordzeeolie in ruim twee jaar is opgelopen van ongeveer 26 dollar per vat naar 80 dollar. Geen wonder dat olieaandelen tot de hoogvliegers op de beurs behoren.

Maar hoe lang kan dat goed gaan? Blijven de fundamentals voor de lange termijn niet slecht? Het is precies deze twijfel aan de langetermijnvooruitzichten voor olie die columnist Michael Brush van Market Watch positief stemmen over de oliesector. Hij denkt namelijk dat dit pessimisme onterecht is en heeft daar zes redenen voor.

1. Vraag wordt onderschat

Ten eerste wordt de vraag naar olie volgens Brush structureel onderschat. Jonathan Waghorn van het Guinness Atkinson Global Energy Fund verwacht bijvoorbeeld dat de globale vraag naar olie dit jaar met 1,5 miljoen vaten per dag zal groeien tot een nieuw hoogtepunt van 99,3 vaten, en er is geen reden te verwachten dat die vraag snel bekoelt, zegt ook Goldman Sachs. Het Internationaal energie agentschap IEA is wat voorzichtiger. Die denken dat de vraag wel iets zal afnemen door de hoge olieprijs.

2. Opec houdt woord

Aan de aanbodkant heeft de vereniging van olieproducerende landen Opec er alle belang bij dat de prijzen hoog blijven. Vooral de rol van Saoedi-Arabië is belangrijk als grootste Opec-producent. De Saudi’s hebben het afgelopen jaar getoond gedisciplineerd te kunnen zijn bij hun productiebeperking. En omdat Opec sinds kort steun krijgt van Rusland zit er een stevige rem op het olieaanbod.

3. Amerikanen tonen discipline

Veel analisten denken dat de rem op het olieaanbod door Opec weinig zoden aan de dijk zet vanwege Amerikaanse producenten van schaliegas en -olie. Die zijn bereid tegen veel lagere prijzen olie te leveren en kunnen de productie snel verhogen als er een tekort ontstaat. Ofwel, de Anerikananen frustereren elke poging van Opec het aanbod binnen de perken te houden. Het IEA verwacht dit ook, maar Brush denkt dat de Amerikaanse productie niet langer zo gemakkelijk kan worden verhoogd.

De schalieproducenten hebben wat dat betreft hun les geleerd. Een paar jaar geleden verhoogden zij de productie ook drastisch, wat weliswaar meer omzet opleverde én een groter marktaandeel, maar ook grote verliezen. Die fout zullen zij niet herhalen.

4. Lage investeringen oliebedrijven

Ten vierde is er sprake van jarenlange lage investeringen door traditionele oliebedrijven als Shell, BP en Exxon. Ook dat zorgt voor een rem op het aanbod op de lange termijn, omdat het vele jaren duurt totdat investeringen daadwerkelijk leiden tot meer productie.

5. Nieuwe brandstof scheepvaart

De snel groeiende scheepvaart maakt nu gebruik van behoorlijk vervuilende brandstof. Dat kan niet langer. Er is grote druk om dit te vervangen door olieproducten van hogere kwaliteit. Volgens Brush zal dit aotomatisch de vraag naar olie verhogen.

6. Geopolitieke risico's

Sommige analisten wijzen erop dat de olieprijs nu vooral zo hoog is vanwege geopolitieke risico’s. Als die voorbij zijn, dan zakt de olieprijs evensnel weer weg, zo is de gedachte. Maar wat als de geopolitieke conflicten nooit verdwijnen? Wat gebeurt er als Iran en Saudi-Arabië elkaar gaan bestoken met raketten? Volgens Brush wordt het gevaar dat geopolitieke conflicten voortduren eerder onderschat dan overschat. En dat is gunstig voor de olieprijs.

Richting de 100 dollar?

Morgan Stanley sprak vorige week de verwachting uit dat een vat Brent-olie in 2020 90 dollar zal kosten. Andere analisten zijn niet veel pessimistischer. De tijd van doemdenken over de oliesector lijkt in ieder geval defintief voorbij.

Van de andere kant wijst de geschiedenis uit dat er bijna niks zo moeilijk is als het voorspellen van de olieprijs. Het inschatten van de bedrijfscyclus blijkt bij de oliesector extra lastig, overigens niet alleen voor analisten, maar ook voor de oliebedrijven zelf. 

Rex Tillerson, oud-ceo van Exxon, zei hierover ooit het volgende: "We’ve never been good at predicting these (price) cycles, neither when they occur nor their duration. We don’t spend a lot of time even trying." Als zelfs een topmanager als Tillerson dat zegt, dan geeft dat aan hoe voorzichtig je moet zijn met olievoorspellingen.

Tip de redactie