De terugkeer van de actieve belegger

De afgelopen tien jaar waren moeilijk voor de conventionele actieve fondsbeheerders die door middel van stockpicking de markt trachtten te verslaan. Maar inmiddels zijn de stockpickers bezig aan een comeback, schrijft Martine Hafkamp in haar column voor belegger.nl. 

Toen zelfs Warren Buffett, nota bene zelf onvoorstelbaar rijk geworden met zijn strategie van stockpicking, in 2014 zo ongeveer iedereen - grote en kleine beleggers - adviseerde om hun geld te steken in indextrackers, leek dat wel de doodsteek voor het actieve beleggen. Maar, wat blijkt volgens Hafkamp, inmiddels zijn de stockpickers bezig aan een comeback.

Instroom passieve fondsen droogt op

Dat is overigens niet te danken aan de geweldige prestaties van de actieve beleggers. Sinds de bovengenoemde uitspraak van Buffett presteert het merendeel van de actieve fondsen nog steeds minder dan de indices.

Desalniettemin zijn de actieve beleggers wel bezig hun achterstand in te lopen. Dat actief beleggen weer aan populariteit wint blijkt uit de geldstromen richting de diverse fondsen. Zo kwam er in de loop van het vorig jaar weliswaar 1,4 keer meer nieuw geld binnen bij passieve dan bij actieve fondsen.

In 2016 was dat bijvoorbeeld nog ruim vijf keer zoveel. Onlangs maakte BlackRock, wereldwijd marktleider in passieve fondsen, bekend dat de instroom in ETF’s aan het opdrogen is.

Stierenmarkt loopt ten einde

Vanwaar deze ogenschijnlijke ommekeer? Nou, waarschijnlijk heeft het hernieuwde geloof in actieve fondsen te maken met het heersende idee dat de periode van stijgende beurzen op z’n laatste benen loopt.

En, dan kan het wel zo zijn dat indextrackers in stijgende beurzen moeilijk te verslaan zijn, maar de verwachte tijden van onrust op de markten vragen om een meer actief beleid.

Scherpe keuzes

Ook bijvoorbeeld pensioenfondsen in Nederland lijken de draai te maken van heel gespreid beleggen naar het inzetten op meer uitgesproken en scherpe keuzes. De afgelopen jaren waren diversificatie en spreiding, mede onder invloed van de toezichthouder, juist de trend. De portefeuille van het gemiddelde pensioenfonds bestond uit duizenden titels, met als gevolg dat ze per saldo weinig onderscheidend waren. Sterker nog, ze vertoonden een sterke gelijkenis met elkaar.

De verwachting dat de stierenmarkt ten einde loopt, in combinatie met de wens van een meer active ownership, dragen echter bij aan een beleidswijziging. Daarbij gaat het niet louter en alleen om de jacht op (meer) rendement. Het doel lijkt steeds meer een goed pensioen in een leefbare omgeving.

Daarbij worden milieu, schoon water, schonere lucht en bijvoorbeeld voldoende huurwoningen eveneens van belang geacht en in de beschouwing betrokken. Zowel het APG als MN bijvoorbeeld bouwen beiden hun portefeuilles om naar minder titels waarbij meer gericht wordt gekeken naar waar in precies belegd wordt.

Grotere kans op afwijkend rendement

Het is een wereldwijde trend. Het gemiddeld aantal aandelen in een actieve portefeuille is gedaald van 121 naar 61. Daarmee worden indices minder slaafs gevolgd en neemt de kans toe dat het daadwerkelijk gerealiseerde rendement zal afwijken.

Daar kan niet iedereen tegen. Outperformance hoeft namelijk niet altijd de uitkomst te zijn. Niet iedereen kan de index verslaan. Het is slechts voor een enkeling weggelegd om boven de middelmaat uit te steken.

Tip de redactie