Een computermodel gebouwd door Goldman Sachs geeft aan dat er een berenmarkt om de hoek ligt, maar de analisten van de Amerikaanse investeringsbank geloven hun eigen indicator niet.

Dat schrijft Cnbc. De bull/bear-indicator van Goldman Sachs zit boven de 70 procent. Dat niveau wordt normaal geassocieerd met hoge risico's voor beleggers in aandelen, schreven Goldman's analisten Peter Oppenheimer, Sharon Bell, Lilia Peytavin en Guillaume Jaisson in een rapport.

Vijf factoren

De indicator houdt rekening met vijf factoren: groeimomentum (gemeten met het gemiddelde percentiel voor Amerikaanse inkoopmanagersindexen), de helling van de rentecurve, kerninflatie, werkloosheid en aandelenwaarderingen, gemeten aan de hand van de Shiller koers-winstverhoudingen.

Geen zorgen

Volgens de beleggingsstrategen van Goldman hoeven beleggers zich echter geen zorgen te maken. Ze wijzen erop dat het hoge niveau van de indicator vooral te danken is aan de lage werkloosheid en het sterke momentum van de economische groei, die de resultaten beïnvloeden in plaats van stijgende rentes of een sterke kerninflatie.

"Lage werkloosheid ... en een sterk groeimomentum in zo'n vergevorderd stadium van de economische cyclus zouden normaliter al gepaard gaan met hogere lonen en, bijgevolg, hogere inflatie en krapper monetair beleid", verklaarden zij.

Ontbreken inflatie

"Maar het is vanwege het gebrek aan inflatie dat sommige van deze variabelen opgerekt kunnen lijken zonder de alarmbellen te doen rinkelen voor aandelenbeleggers."

Anders gezegd, het is zeer onwaarschijnlijk dat zonder een stijging van de kerninflatie, de beleidsrente voldoende zal stijgen in de VS of elders om de rendementscurves te inverteren en/of een recessie in de nabije toekomst te forceren, stellen de strategen beleggers gerust.

Het Amerikaanse werkloosheidscijfer bedraagt momenteel 4,1 procent. Dat is het laagste niveau sinds 2000. Maar de kern-PCE-index - de geprefereerde inflatiemaatstaf van de Federal Reserve - ligt nog steeds onder het streefcijfer van de centrale bank van 2 procent.

Recessie en dalende winsten

"Het is de angst voor recessie en dalende winsten, die normaal de 'cyclische' berenmarkten veroorzaken, die op hun beurt bijna altijd hun wortels hebben in een strakker monetair beleid", aldus Oppenheimer, Bell, Peytavin en Jaisson.

De Dow-Jonesindex sloot vorige week in het correctiegebied, met een daling van meer dan 10 procent ten opzichte van het hoogste niveau in een jaar tijd, terwijl de S&P 500 en de Nasdaq vorige maand in het correctiegebied zaten voordat ze herstel lieten zien.

Een berenmarkt wordt gedefinieerd als een koersdaling van ten minste 20 procent ten opzichte van het hoogste punt in één jaar tijd.