De ING-baas krijgt de forse salarisverhoging niet. Marcel Tak heeft geen moeite met hoge salarissen, zolang aandeelhouders dat ook niet hebben. "Salaris is een zaak van marktwerking, niet van skin in the game."

Dat schrijft Marcel Tak in zijn column op IEXProfs.nl.

De bestuursvoorzitter van ING, Ralph Hamers, heeft een weekje mogen genieten van een jaarsalaris van drie miljoen euro. De maatschappelijke commotie werd de Raad van Commissarissen van de bank teveel en de ING-ceo moet het toch gewoon doen met een schamele twee miljoen.

Dat schamel bedoel ik niet helemaal cynisch, in ieder geval niet als ik het vergelijk met de beloning van de bazen van andere AEX-bedrijven. Uit een mooi overzichtje van het FD blijkt topvrouw Nancy McKinstry van Wolters Kluwer 14,2 miljoen euro te verdienen.

Erik Engstrom van Relx gaat met 12,8 miljoen euro naar huis, terwijl Unilever-voorman Paul Polman met 10,6 miljoen euro ook niet mag klagen. Persoonlijk heb ik niets tegen dergelijke hoge salarissen.

Lekker duurzaam

Ik heb wel mijn vraagtekens zodra er een zweem van hypocrisie aan de orde is. Zoals het geval met Polman, die met zijn salaris 292 keer zoveel verdient als de gemiddelde medewerker bij Unilever. Dat is het grootste verschil van alle Nederlandse beursgenoteerde bedrijven.

Tegelijkertijd profileert de topman zich als leider van een extreem duurzaam opererend bedrijf, die het zo goed voor heeft met de samenleving. Hoe geloofwaardig is dat beleid als je zelf weinig oog hebt voor het naar duurzaamheidmaatstaven exorbitante salaris?

Maar goed, dat moet Polman voor zichzelf uitmaken en zolang aandeelhouders, werknemers en consumenten daar geen probleem mee hebben, heb ik dat ook niet.

Personeelsbeleid zelfregulerend

De beloning in de financiële sector ligt kennelijk gevoeliger en daarom loopt Hamers zijn salarisverhoging mis. Onlangs promoveerde Mark Nelemans, docent bij de Open Universiteit met zijn proefschrift getiteld “Financiële regulering: de verhouding tussen interne governance en extern toezicht.”

Geen titel met de bedoeling van zijn studie een bestseller te maken. Zijn pleidooi is echter, zo leer ik uit een IEXProfs-artikel, de moeite waard. Nelemans vindt dat consumentenbescherming, kapitaaleisen en marktgedrag zeker onder extern toezicht van DNB en AFM dienen te vallen.

Maar personeelsbeleid, waar de beloningstructuur een belangrijk onderdeel van is, leent zich voor zelfregulering. Ik ben het op dit punt eens met Nelemans. Toch heb ik een paar vraagtekens in zijn commentaar op de ING-affaire.

Gespannen voet

Op de vraag aan de promovendus of de loonsverhoging met 50 procent niet op gespannen voet staat met zijn constatering dat de Nederlandse financiële sector zich in het algemeen verantwoordelijk gedraagt, komt een weifelend antwoord.

Het voorstel van ING was inderdaad immoreel, zo meent hij, maar de bank is nu eenmaal een private instelling. Hier had Nelemans zijn stelling, dat de sector zelf verantwoordelijk is voor de beloning en geen regulering nodig heeft, als juist kunnen claimen.

Binnen zeven dagen heeft de bank namelijk, zonder enige wettelijke regelgeving, het voorstel ingetrokken. Zelfregulering, al dan niet onder maatschappelijke druk, zorgde voor een correctie op een besluit waar de maatschappij kennelijk nog niet aan toe is.

Skin in the game

Ook bij een tweede opmerking van Nelemans plaats ik een vraagteken. Hij stelt dat de ophef minder groot zou zijn geweest als bij een nieuwe reddingsoperatie van de bank alle bonussen en salarissen boven de Balkenendenorm terugbetaald zouden moeten worden.

Nelemans noemt dit skin in the game. Mijn eerste opmerking is dat nagenoeg de gehele salarisverhoging van Hamers gekoppeld was aan het door Nelemans genoemde risico.

De extra honorering was voornamelijk in de vorm van een aandelenpakket ING. Mocht de bank worden gered door de overheid, dan zou het pakket niets meer waard zijn geweest. Weg extra beloning, skin in the game.

Buiten de macht management

Principiëler vind ik de vraag of een beloning automatisch gekoppeld moet worden aan de resultaten van een bedrijf. Er kunnen veel oorzaken zijn waarom een bedrijf slecht presteert.

Er kunnen omstandigheden zijn die voor een belangrijk deel buiten de macht van de bedrijfsleiding ligt. Te denken valt bijvoorbeeld aan sterk veranderde marktomstandigheden, zoals disruptieve technologische ontwikkelingen. Natuurlijk kan ook zwak beleid van het management de reden van slechte prestaties zijn.

In dat geval ligt ontslag meer voor de hand dan allerlei maatregelen om eerder genoten salaris terug te betalen. Het is ook mogelijk dat de CEO en/of zijn team hun boekje te buiten zijn gegaan en bijvoorbeeld te veel risico hebben genomen.

Ongewenst gedrag uitlokken

In dat geval ligt terugbetaling wel voor de hand, maar wat mij betreft blijft het daar dan niet bij. U mag zelf beoordelen wat voor passende maatregelen er dan nog meer nodig zijn. Het laten delen van het management in risico is een soort negatieve prestatiebeloning. Dat heeft zo zijn nadelen.

Ik vergelijk de situatie bij de beheerder van een beleggingsfonds, waar vaak met positieve prestatievergoedingen wordt gewerkt. Op het eerste gezicht lijkt dat niet onredelijk.

De manager van het beleggingsfonds profiteert als er goed wordt gepresteerd. Maar zo’n prestatiebeloning kan leiden tot ongewenst gedrag. Het kan juist risicogedrag uitlokken. Met name als de prestaties aanvankelijk wat achterblijven, kan door het nemen van (veel) meer risico getracht worden alsnog de doelstellingen te halen en zo de prestatievergoeding veilig te stellen.

Risicomijdend gedrag

Het spreekt voor zich dat dit riskante gedrag helemaal verkeerd kan uitpakken, met alle negatieve gevolgen van dien. Het omgekeerde kan plaatsvinden als beloning moet worden terugbetaald bij (sterk) negatieve resultaten.

Het kan leiden tot extreem risicomijdend gedrag, alleen maar om het hoge salaris, dat eerder is uitgekeerd, niet kwijt te raken. Passief en sterk risicomijdend gedrag van het management kan net zo schadelijk zijn als handelen met te veel risico.

Laat de beloning zoveel mogelijk het resultaat zijn van marktwerking. Elk bedrijf moet op zoek naar de beste mensen, ook voor de belangrijkste posities in het bedrijf. Als daar een hoge beloning bij hoort, dan is dat maar zo.

Bank mag niet omvallen

Vaak wordt beargumenteerd dat de ING-baas geen hoge beloning verdient, want als het mis gaat met de bank moet een beroep op de belastingbetaler worden gedaan. Die stelling is achterhaald.

Er is nieuwe Europese wetgeving die aandeelhouders, obligatiehouders en collega banken voor de kosten laten opdraaien. Maar als de stelling waar zou zijn, dan is er helemaal reden ervoor te zorgen dat de beste mensen aan de bankentop werken, met het daarbij behorende salaris.

We hebben er dan immers allemaal belang bij dat de bank niet omvalt als gevolg van slecht management.

Lees ook: Niets mis met zelfregulering financiële sector