Het Verenigd Koninkrijk verkeert al enige tijd in onzekerheid. Het referendum van vorig jaar, toen de Britten voor de Brexit stemden en waarmee het uittreden uit de Europese Unie nagenoeg een feit werd, zorgde niet alleen voor veel politieke onzekerheid. Er vonden ook schokken plaats in de reële economie, dat schrijft Martine Hafkamp van belegger.nl.

Waar het voor de centrale banken van de Verengde Staten en Europa lastig is om de inflatie rond 2 procent te krijgen, hebben ze aan de andere kant van de Noordzee juist het tegenovergestelde probleem. Daar stijgt de inflatie hard.

Door het gedaalde Britse pond zijn de prijzen van de geïmporteerde goederen fors gestegen. In augustus kwam de inflatie in het Verenigd Koninkrijk uit op 2,9 procent, terwijl die in juni nog 2,6 procent bedroeg. De Bank of England verwacht dat de inflatie in oktober zelfs boven 3 procent uitkomt. 

Nog lastiger

De loonontwikkeling blijft echter achter bij de inflatieontwikkeling, schrijft Hafkamp. Hierdoor heeft de Britse consument minder te besteden. Het kopen van een huis is vaak al wat lastig, maar dit zal naar verwachting in de toekomst nog veel lastiger worden. Zoals het nu lijkt zullen huizenprijzen in Londen en omgeving zodra de Brexit definitief is de komende vijf jaar met 20 procent stijgen. Dit is althans de verwachting van een van de grootste vastgoeddienstverleners. Sinds de piek in 2014 zijn de huizenprijzen in Londen met gemiddeld 15,2 procent gedaald. 

Dit jaar zakten de prijzen in hartje Londen nog met 3,2 procent. Het aanbod van woningen stijgt omdat een aantal van de inwoners uit het centrum vertrekt richting goedkopere huizen aan de rand van of net buiten de stad. Voorlopig baseren verkopers hun prijs op de huidige marktomstandigheden. Dit zal waarschijnlijk niet veranderen totdat er meer duidelijkheid is over de Brexit en de nieuwe economische verhouding tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie.

Voordat de voorspelde stijging van de huizenprijzen zal plaatsvinden, wordt er eerst een vlakke prijsontwikkeling verwacht. De oorzaak daarvan is de nog immer heersende onduidelijkheid rondom de wijze waarop de Brexit vorm zal krijgen en hoe het bedrijfsleven, met name in de financiële sector, met al haar expats daarop zal reageren.

Overgangsperiode

De stijging van de huizenprijzen die eind 2019 zichtbaar zou moeten zijn vindt zijn oorsprong in de aanname dat er een nieuw vrijhandelsakkoord zal worden gesloten tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie. Daarbij gaat men uit van een overgangsperiode waarbij er zo min mogelijk overlast zal zijn voor bedrijven. 

Deze overgangsperiode werd in het Italiaanse Florence ter sprake gebracht door de Britse premier Theresa May tijdens haar toespraak eind september voor de Europese onderhandelaars. In ruil voor toegang tot de interne Europese markt willen de Britten hun begrotingsafspraken nakomen.

Zo wordt voorkomen dat de Europese bevolking niet wordt opgezadeld met de rekening van de Brexit. De Europese leiders noemden de uitspraken van May 'constructief'. Een overgangsperiode zou daarmee een zekere kans van slagen hebben. Er is echter nog een hele lange weg te gaan want echte details zijn in Italië niet ter tafel gekomen. 

Hoofdstad blijft aantrekkelijk

De overgangsperiode, renteontwikkeling en de gunstige valutakoers zullen naar verwachting zorgen voor meer internationale kopers. Sinds het dieptepunt in 2015 is bijvoorbeeld de euro ten opzichte van het Britse pond met meer dan 25 procent gestegen. De Brexit zorgt weliswaar voor het vertrek van een aantal financiële partijen, maar de hoofdstad van het Verenigd Koninkrijk zal hoogstwaarschijnlijk aantrekkelijk blijven voor grote instituten en ondernemingen.

Het bewijs daarvoor is in de eerste zes maanden van dit jaar al geleverd. In deze periode haalde de techsector in Londen 1,1 miljard pond aan investeringen op, dit is het dubbele van het aantal investeringen dat Berlijn tegemoet kon zien. Het is ook een veel hoger bedrag dan dat naar steden als Parijs en Amsterdam vloeide. Daarmee wordt de plaats die de vertrekkende bankier achterlaat vanzelf weer ingevuld.