Volgens Pimco loont actief beheer van obligaties meer dan passief beleggen. Hoeveel dan? En, lang niet altijd, laten andere cijfers zien.

Uit onderzoek van de Amerikaanse S&P Indices Versus Active (SPIVA) bleek dat de actieve fondsen die erin slagen hoger dan het gemiddelde te halen, niet consistent dezelfde groep is. Slechts 5 procent van de fondsen wist vijf jaar achtereen bovengemiddeld te presteren.

Statistisch gezien zou dat 6,25 procent moeten zijn, zegt Marcel Tak, columnist bij IEX. Hij geeft aan dat de cijfers een harde illustratie vormen dat (dure) actieve beleggingsfondsen gemiddeld geen toegevoegde waarde hebben ten opzichte van passieve indexfondsen. Hoe zit dat bij obligaties? 

Obligaties zijn anders

Die conclusie geldt in ieder geval voor aandelen. Uit onderzoek van Pimco zou echter blijken dat, als het om obligaties gaat, er een heel andere conclusie kan worden getrokken ten aanzien van de toegevoegde waarde van actief beleggen.

Bonds are different, zo luidt het onderzoek en in twaalf punten laat Pimco (beargumenteerd) zien dat actief beleggen in obligaties superieur is boven passief indexbeleggen. Eerst maar eens aandacht voor de feiten zoals die in het Pimco onderzoek naar voren komen.

  • Over alle onderzochte perioden, van een tot en met tien jaar, presteerden meer dan 50 procent van de actieve obligatiefondsen beter dan de bijbehorende index.
  • Voor de vijfjaars periode gold dat voor 63 procent van de actieve fondsen.
  • Er zijn zelfs categorieën obligaties (middellange looptijden, high yield) waar de percentages boven de 80 procent liggen. Dat zijn percentages die evenveel boekdelen spreken als de aandelencijfers voor passief beleggen.

Meer emissies

Misschien nog sprekender dan de cijfers die uit het onderzoek naar voren komen, is de argumentatie van Pimco waarom actief beheer in het geval van obligaties wel loont. Een aantal argumenten zijn bijvoorbeeld:

Een eerste is dat er veel meer emissies van obligaties zijn dan van aandelen. Dat is logisch, gezien de gelimiteerde looptijd van obligaties. Juist bij een emissie is er, door het grote aanbod in één keer, vaak sprake van mispricing. Daar kunnen actieve fondsen van profiteren en door het grote aantal emissies hebben actieve obligatiefondsen een flink voordeel boven passieve fondsen. Grote obligatiebeleggers kunnen daarnaast ook nog eens mooie kortingen bedingen om zo de nieuwe obligaties extra goedkoop in portefeuille te verkrijgen.

Een tweede argument pro actief beleggen is dat de obligatiemarkt veel meer verstoord wordt door marktpartijen die binnen strenge regels (moeten) handelen. Deze partijen kopen obligatie om geheel andere reden dan het behalen van een optimaal rendement in relatie tot het risico. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld centrale banken en verzekeraars. Volgens Pimco maken deze partijen circa 53 procent van de totale markt uit. Actieve fondsen kunnen prima profiteren van de verkeerde prijsvorming van obligaties die door deze partijen tot stand komt.

Een derde argument voor actief beheer is dat obligatie-indices veel vaker van samenstelling veranderen. Immers, om enigszins vergelijkbare obligaties in de index te hebben, bijvoorbeeld qua looptijd, moeten voortdurend obligaties worden vervangen die door een beperkte resterende looptijd niet meer aan de criteria voldoen. Dat geeft de actieve fondsen de mogelijkheid in te spelen op deze veranderingen, omdat deze ook weer tot afwijkende prijzen leiden.

In het algemeen geldt dat bij obligaties veel makkelijker en objectiever is vast te stellen of er sprake is van over of onder beprijzing dan bij aandelen. Als referentie kan bijvoorbeeld de gemiddelde marktrente voor een bepaald type lening worden vastgesteld. Voor elke afzonderlijke obligatie is dan direct de te hoge of te lage prijs zichtbaar.

Ja, actief kan lonen

Bij al deze overtuigende argumenten wordt nog niet eens het geforceerde rentebeleid van de centrale banken genoemd die renteniveaus naar praktisch nihil, of zelfs negatief, hebben gebracht. De indexbelegger moet lijdzaam, in veel gevallen in obligaties met lange looptijden, beleggen tegen deze ultralage renteniveaus.

De nadenkende, actieve obligatiebeheerder kan deze obligatiegifbeker aan zich voorbij laten gaan, met op lange termijn een bijna ingebakken vette outperformance. Het verhaal zou hiermee verteld kunnen zijn en mijn conclusie aangepast dat actief beheer voor obligaties op basis van argumenten wel degelijk kan lonen en dat op basis van cijfers ook daadwerkelijk doet.

Toch ligt het allemaal iets genuanceerder. De cijfers van Pimco en SPIVA lijken elkaar deels tegen te spreken. SPIVA geeft aan dat over een periode van tien jaar in alle categorieën meer dan 50 procent van de actieve obligatiefondsen slechter presteerden dan de benchmark. Voor de langlopende VS overheidsobligaties ligt dat percentage zelfs op 96 procent.

Lees verder op IEXprofs.nl.