De belangrijkste les van 2016 was dat aandelenbeleggers niet op de exit-knop moeten drukken in moeilijke tijden op de beurs.

Dat zegt Jim Kee, hoofdeconoom bij South Texas Money Management, op MarketWatch.

Kee beschrijft de belangrijke les als volgt: "Als je in februari, vanwege de slechte start van het jaar, je aandelen had verkocht en in cash was gegaan, zou je 24 procent zijn misgelopen. De S&P 500 kreeg er namelijk 24 procent bij sinds de bodem in februari. Dat zou een bittere pil geweest zijn."

De S&P sloot vrijdag 16 december op 2.258,07 punten, terwijl die Amerikaanse index in februari nog op 1810,10 punten lag. Het advies stay the course, waar onder andere superbelegger en miljardair Warren Buffett op hamert, werkt vooral als aandelen het goed doen.

Als de slechte start van het jaar gevolgd zou zijn door nog meer ellende, had het volgen van dit advies er waarschijnlijk heel anders uitgezien.

Overschatten

Het is echter een goed jaar geweest voor aandelen en volgens Kee blijven de beren op afstand. Beleggers hebben namelijk de neiging om de waarschijnlijkheid van een marktcrash te overschatten, zegt hij. 

Particuliere en institutionele beleggers zien gemiddeld een kans van 19 procent dat zich de komende zes maanden een crash voordoet. Dit terwijl de werkelijke kans op een marktineenstorting nog geen 1 procent is.

Kee baseert zich op onderzoek door Robert J. Shiller en William N. Goetzmann. Zij vermoeden dat een pessimistische neiging veroorzaakt wordt door de media en journalisten die vooral de nadruk leggen op negatieve uitkomsten.