LEIDEN - De informatievoorziening over wat er nu vanuit Nederland met ontwikkelingsgeld wordt gedaan, is nog steeds slecht, vindt professor Ton Dietz, directeur van het Afrika-Studiecentrum in Leiden.

''Ik vind het stuitend dat mensen nog steeds niet eerlijk en volledig worden geïnformeerd", aldus Dietz.

Dietz: ''Als ik wil weten hoeveel geld er vanuit Nederland naar bijvoorbeeld Kenia gaat en wat er met dat geld precies wordt gedaan, kost mij dat heel veel moeite. En áls ik het dan al te weten kom, krijg ik een promotieverhaal. Dat is slecht.'' Ook bedrijven geven gebrekkige informatie over hun projecten.

Dietz wijst erop dat het maatschappelijke klimaat niet goed is om open en eerlijk te spreken over een terrein waar veel wordt geëxperimenteerd en waar dus ook veel fout gaat. ''Er wordt een sfeer geschapen alsof elke ontwikkelingseuro 100 procent succes moet scoren en een beetje snel graag.''

Social media

Hulporganisaties en bedrijven moeten zeker in het tijdperk van de social media als de wiedeweerga hun activiteiten openbaren, vindt Dietz. ''Wat gebeurt er nu precies met dat geld. Vertel ons dat. Rust lokale partners zo uit dat ze via blogs, of hoe dan ook, kunnen vertellen wat er op hun af komt en hoe ze daar mee omgaan.''

De directeur schreef in de meest recente Vice Versa, het vakblad voor ontwikkelingssamenwerking, een manifest voor een beter kennisbeleid waar de ontwikkelingssector wat aan heeft. Dat is in Nederland nog steeds niet goed opgezet. Volgens Dietz komt er voorlopig ook geen geld beschikbaar om die kennis beter te ontsluiten, terwijl de verschillende partijen in deze sector daar wel het nut van inzien.

Kennisbeleid

Dietz vindt dat het NCDO, het kennis- en adviescentrum voor burgerschap en internationale samenwerking, hierin een belangrijke rol kan spelen. Met een beter kennisbeleid wil hij onder meer voorkomen dat particuliere hulpverleners en de professionele hulporganisaties het wiel steeds opnieuw moeten uitvinden.

''De kennis die we opdoen over wat er met de geldstromen gebeurt, kunnen we juist erg goed gebruiken.''