De officier van justitie heeft vrijdag drie jaar cel geëist, waarvan een jaar voorwaardelijk, tegen de negentienjarige Amsterdammer die afgelopen augustus het goudwisselkantoor aan de Schoterweg in Haarlem overviel. Hij moest zich vrijdag voor de rechtbank in Haarlem verantwoorden voor zijn daad.

De toen nog achttienjarige verdachte stapte op zondag 19 augustus 2020 's ochtends het goudwisselkantoor binnen, vermomd met een zwart kleed, pruik en mondkapje. Hij vroeg de enige aanwezige medewerker naar de waarde van een ring te kijken en haalde plotseling een vuurwapen tevoorschijn. Achteraf bleek het om een gasalarmpistool te gaan.

De medewerker moest de kluisruimte openen, terwijl ondertussen bij de politie een alarmsignaal afging. Agenten kunnen live meekijken met wat er in de zaak aan de hand is, aldus de officier van justitie. De politie haastte zich direct naar het kantoor.

De verdachte bond de medewerker met ducttape aan een stoel vast, toen hij de agenten ineens voor de deur zag staan. Hij probeerde nog te ontsnappen door een magnetron door een raam te beuken, maar tevergeefs.

De Amsterdammer werd voor de ingang van het goudwisselkantoor door agenten met getrokken wapens ingerekend. De buit droeg hij nog bij zich, evenals een 'goudklomp', maar dat bleek een deurstopper te zijn.

Verdachte zegt dat hij onder druk is gezet

De Amsterdammer zegt dat hij de overal heeft gepleegd omdat hij door anderen onder druk werd gezet. Hij voelde zich bedreigd, maar wil niet zeggen door wie. Ook heeft hij spijt, zo betuigde hij bij de rechter.

De verdachte kreeg hulp van anderen. Eerder werd namelijk al een 22-jarige Amsterdammer veroordeeld voor het medeplegen van de overval in Haarlem; hij zou het vervoer hebben geregeld.

Deze laatste verdachte had twee maanden eerder al een overval gepleegd op een goudwisselkantoor van dezelfde keten aan de Ceintuurbaan in Amsterdam. De rechtbank in Amsterdam nam het hem zeer kwalijk dat hij, ondanks zijn spijtbetuiging, ook nog eens heeft bijgedragen aan de overval in Haarlem.

De negentienjarige verdachte van de overval in Haarlem moet de medewerker van het goudwisselkantoor en het bedrijf ook een schadevergoeding betalen, vindt de officier van justitie. Die medewerker maakt het naar omstandigheden goed en is weer aan het werk. Dat kan niet gezegd worden van het slachtoffer van de overval in Amsterdam: die ziet zichzelf niet meer in staat om hetzelfde werk te doen door de traumatische ervaringen van de overval in juni.

Jeugdstrafrecht of volwassenenstrafrecht

De rechter in Haarlem vroeg zich vanmiddag hardop af of de verdachte daadwerkelijk een kwetsbare tiener is die vanwege persoonlijke omstandigheden bedreigd werd. Uit tapgesprekken zou namelijk blijken dat de verdachte juist "stoer" over zijn daad sprak en totaal geen angst uitte over welke bedreiging dan ook.

Tegenover de rechter zei de verdachte juist dat hij iets van zijn leven wil maken en dat hij misschien Bedrijfskunde wil gaan studeren. Zijn advocaat wil graag dat hij volgens het jeugdstrafrecht wordt berecht. De officier van justitie vindt dat het volwassenenstrafrecht moet gelden. Het voorarrest mag van haar van de celstraf afgetrokken worden. Ze eiste dat de Amsterdammer na het uitzitten van de celstraf nog een proeftijd van twee jaar heeft.

Over twee weken doet de rechtbank in Haarlem uitspraak.